Deel 9: Corfu naar het Kanaal van Corinthe

Als we de jachthaven van Sailingclub Corfu uitlopen om naar de stad te gaan, lopen we door de oude vesting. Er zijn oude stenen trappen en mooie oude poorten die naar het centrum van de stad leiden. Corfu is een prachtige stad met gezellige winkelstraten. Voor de dagelijkse boodschappen zoeken we de smalle straatjes op. Als we groente en fruit inslaan bij een klein groentewinkeltje vragen we waar we een bakker kunnen vinden. De zoon van de groentevrouw wordt geroepen en krijgt de opdracht om ons naar de bakker te brengen. Echt aardig!

Als we via de prachtige ingang terugkomen bij de haven, ligt de hond van een Amerikaanse boot gevloerd met een zak ijs op zijn kop. Het beest is door de hitte bevangen, zo zielig. Gelukkig is er een dierenarts bij die we nog een aantal keren naar de boot zien gaan om de hond te controleren. Wij bedenken dat het toch niet handig is om een hond met een dichte vacht mee te nemen naar zo´n warm land. Maar goed dat onze Lloyd thuis is.

De plaats waar we liggen is zo leuk dat er veel mensen een kijkje nemen. Een gezin uit Tsjechië vraagt zelfs of ze een foto mogen maken als ze op onze boot staan. Omdat we dinsdag 9 juni 29 jaar getrouwd zijn, gaan we maandagavond vast uit eten in het restaurant op de jachthaven.

Dinsdag verlaten we de prachtige haven. We zijn het erover eens dat dit één van de leukste plekjes is waar we tot nog toe hebben gelegen. Na een tocht van ongeveer 5 uur komen we aan in Gaios op het eiland Paxos. De plaatsen aan de kade bij de taveernes zijn bezet. We vinden een leuke ligplaats aan een kade net iets naast het dorp. Volgens de pilot kan het in het drukke seizoen een grote chaos zijn in Gaios. We kunnen ons daar iets bij voorstellen.

Na Gaios gaan we naar Preveza waar we in een soort ‘malle Pietjeswinkel’ een mooi dienblad met hengsel kopen. Toen we 3 jaar geleden in Griekenland waren vonden we deze bladen al erg leuk. Daarom zijn we direct op zoek gegaan naar een exemplaar.
Donderdag 11 juni varen we via Lefkas het Lefkas kanaal naar Spartakhori. Bij Lefkas moeten we door de brug die slechts 1x per uur bediend wordt. Het is een drijvende brug die opzij gevaren wordt.

Mooi op tijd komen we aan in Spartakhori, waar we een plek krijgen aan de steiger van taveerne Porto Spilia. Een steiger met lazy-lijnen, water en electra. Wat een luxe. Omdat morgen harde wind wordt voorspeld willen we hier een extra dagje blijven.
De familie (allemaal broers) van de taveerne helpt de gasten met aanleggen van de boten. Zij werken allemaal in de taveerne in de bediening of in de keuken. De grootste (dikste) broer zorgt ervoor dat alles goed verloopt. Als mensen bij het aanleggen niet handig zijn met de lazy-lijn stapt hij aan boord om de lijn zelf vast te leggen. De broers en hun kinderen, die voornamelijk in de bediening meewerken, zijn ontzettend behulpzaam en gastvrij. Daarom gaat de bemanning van elk schip bijna altijd in de taveerne eten. Voordat je eten besteld, mag je eerst in de keuken rondkijken. Al het eten staat keurig gereed zodat je gemakkelijk een keuze kunt maken. De keuken ziet er keurig netjes uit. We eten er heerlijk.

Vrijdagochtend komt de grote Griek langs met de mededeling dat het zal gaan waaien en dat het niet verstandig is om uit te varen. Op zee zou het zelfs 9 Bft worden. Hij adviseert ons een betere en meer beschutte ligplaats. Na het ontbijt gooien we de boot los en varen naar de zijkant van de baai, waar we met de punt naar de kade gaan liggen. De bemanning van de huurboten hebben allemaal een sms je ontvangen van de reisorganisatie dat zij niet uit moeten varen. Inmiddels is het zo hard gaan waaien dat sommige schippers van de huurboten het lastig vinden om de boot te verleggen. Geen probleem, de grote Griek springt aan boord en vaart de boten naar een veiliger plek, ondertussen geeft hij iedereen aanwijzingen hoe de boten aan elkaar gelegd moeten worden. Na een paar uur hard werken, liggen de boten veilig aan een kade in de luwte en worden net aangekomen schepen die een plek zoeken om aan te leggen weggestuurd omdat het niet verantwoord is om meer schepen te herbergen. De harde wind duurt niet lang, in de loop van de middag is het weer rustig.

Aan de kade waar we nu liggen, liggen veel boten met Ieren aan boord. Heel gezellig om met deze mensen te praten over hun ervaringen en reisdoelen. Eén mevrouw vraagt aan Gerard waar hij vandaan komt, omdat hij zo´n ‘lovely accent’ heeft.

Zaterdagochtend gaan we naar het dorp, boven op de berg, om inkopen te doen en wat foto´s te maken. Een in het zwart geklede mevrouw wil poseren en heeft daar plezier in.
We zullen met veel plezier terugdenken aan de familie van Porto Spilia, een bijzonder stel mensen, die alles in het werk stellen om hun gasten tevreden te stellen.

Ons doel van vandaag is Kioni op het eiland Iteca. Omdat het vol is in Kioni gaan we naar Vathi, de hoofdstad van het eiland. Een klein uurtje verder. De thermometer is opgelopen tot 40 graden.

We ‘parkeren’ de boot aan de kade. We zijn inmiddels best handig met deze manier van aanleggen (anker uitgooien en achteruit varen naar de kade waar je de achterkant van de boot vastmaakt). Er komt een Engelse boot naast ons liggen. Gerard vermoedt dat hij zijn anker over ons anker heeft gelegd. Dat zien we morgen dan wel. Het centrum van Vathi is niet echt bijzonder. Na het eten bezoeken we een internetcafé.

Zondagochtend halen we ons anker op en ja hoor, we halen de ankerketting van onze Engelse buurman naar boven. Het is een hele klus om de ketting over het anker te tillen. De fransman die aan de andere kant naast ons ligt, springt in zijn dinghy (rubber bootje) en schiet ons te hulp. Met een hulplijntje tillen we de ketting over het anker heen en kunnen we het anker inhalen. We zijn blij met de hulp van deze fransman.

Vandaag verlaten we de Ionische eilanden en gaan naar de Golf van Patras. Een tocht met heel weinig wind. We zien enorme roggen zwemmen en doen ons best om foto´s te maken. Het resultaat valt tegen, omdat de vissen wegzwemmen als we in de buurt komen.

We komen in Messolonghi. Om de haven te bereiken varen we door een kanaal. De omgeving is hier heel anders als in het gebied waar we vandaan komen. Het is hier heel vlak. De haven waar we komen is niet meer als een paar steigers en 2 gebouwen in aanbouw. Er liggen weinig schepen. Er komt iemand langs met een folder waarop de plannen staan hoe de haven eruit zal gaan zien. Op de folder staat dat de opening in 2009 zal zijn. Er zal nog heel wat moeten gebeuren voordat dat mogelijk is.

Maandagochtend gaan we naar het stadje Messolonghi. We zijn aangenaam verrast als we daar aankomen. Eerst lopen we door een buitenwijk waar prachtige huizen staan. In het centrum zijn klein smalle straatjes met authentieke winkeltjes en terrassen die vol zitten met voornamelijk jongelui. Maar er zijn ook grote straten met moderne winkels. We doen onze inkopen en lopen terug naar de haven. Dit is een flinke wandeling, dus we hebben onze beweging weer gehad.

Tegen de middag vertrekken we naar Trizona. Op deze route ligt de Andirionbrug waar we onderdoor moeten. Vijf mijl voor de brug moet je melden via de marifoon dat je onder de brug door wilt. Naam van de boot en de hoogte van de mast worden gevraagd en we krijgen instructies onder welk gedeelte van de brug we mogen passeren.

In de haven van Trizona vinden we een plaats achter in de haven. Het plaatsje is heel klein. Er zijn een aantal taveernes waar vooral de mensen van de boten in de haven hun maaltijd gebruiken.

Dinsdag gaat onze reis verder naar Galaxidhi waar we voor anker gaan. Met onze dinghy gaan we naar de kant om het plaatsje te bekijken. De omgeving van de Golf van Patras is geen druk toeristengebied. Tref je in veel plaatsen inmiddels voor ons leesbare teksten aan, hier is alles nog geschreven in griekse letters. Dat is zoeken naar de bakker.

Woensdag varen we een uurtje naar Itea. Morgen komen Dick en Cathy (broer en schoonzus) naar de boot. Zij zijn maandag naar Athene gevlogen en komen donderdag aan boord. We maken de boot schoon en zorgen dat hun hut in orde is.

De havenpolitie komt langs met het verzoek om ons om 18.00 uur te melden op het kantoor om liggeld te betalen en stempels te halen in de depka (het officiële formulier wat we bij aankomst in Griekenland moesten halen nadat we belasting hadden betaald). Dit is de eerste keer dat we stempels krijgen.

Als Dick en Cathy donderdag om 13.40 uur aankomen met de bus staat er een fles bubbels klaar om hen te verwelkomen. Gezellig dat ze er zijn. We krijgen leuke kado’s, wat natuurlijk helemaal niet nodig is, maar wel erg leuk. Moeder heeft een kaart volgeschreven en meegegeven. We kunnen geen post ontvangen op de boot, daarom is deze kaart een verrassing.

Van Itea gaan we naar Andikirion. Ook een plaats waar weinig toeristen komen. We vinden een plaats naast de vuurtoren. Er staat veel wind als we gaan aanleggen, dus is het even hard werken. Als we langs een kapper lopen, laat Gerard zijn haar knippen. De kapper heeft er veel plezier en doet zijn werk met veel zwier. Dick en Cathy trakteren ons op een diner in een taveerne.

Zaterdag is Corinthos ons doel. Onze gasten genieten zichtbaar van alles wat er om hen heen gebeurt. Alles wat ze meemaken is nieuw voor hen, omdat ze geen zeilervaring hebben.

In Corinthos staan 2 mannen op de kade die helpen met aanleggen. Ze brengen ons en de bemanning van de boot die achter ons is komen liggen, ´s avonds naar een restaurant. Voordat we gaan zitten mogen we een kijkje nemen in de keuken.

Zondag gaan we door het Kanaal van Corinthe. Om 9.00 uur luisteren we kanaal 11 op de marifoon af en horen dat het kanaal na 10.00 uur open is voor scheepvaart van west richting oost. We melden ons aan, geven naam en lengte van ons schip door en wachten een halve mijl voor de ingang. Vanaf 10.10 uur wordt ieder schip bij naam genoemd om het kanaal in te gaan. Om 10.15 uur mag de Alfa Dim gaan. We zitten met camera´s in de aanslag. De Opkikkervlag hangt in de mast. Eindelijk varen we het stukje waar we al jaren over praten en waarvoor we nu bijna 3 maanden onderweg zijn. Het is echt helemaal SUPER GEWELDIG om hier te varen tussen de hoge steile wanden van het Kanaal van Corinthe. Er is een flinke stroming, de kleur van het water is turkois. Op de brug waar wij een aantal keren hebben staan dromen over deze tocht, staan veel mensen te kijken naar de boten die door het kanaal varen. Met ons vieren hebben we zo´n fantastische tocht beleefd dat het eigenlijk niet te beschrijven is. Aan het eind van het kanaal leggen we aan, om het tolgeld te betalen. Dit is het einddoel van onze reis en één van de vele hoogtepunten.

Deel 8: Sicilië naar Corfu Griekenland

Als we zaterdag 23 mei Castellamare verlaten staat de zon al hoog aan de hemel. We laten de bimini staan zodat we wat schaduw hebben tijdens de tocht. Omdat er practisch geen wind (1 bft) is varen we op de motor en hebben een rustige tocht waarbij we alle tijd hebben om wat te lezen. In San Nicola is plaats genoeg. Er zijn, net als in de vorige plaats lege steigers. We krijgen een plaats toegewezen en moeten langszij gaan liggen want de lazy lijnen zijn (als ze al aanwezig zijn) niet berekend op onze lengte. We hebben een mooie plek aan het begin van de haven. Vanwege het weekend is er veel bedrijvigheid in de haven. De lokale bevolking vaart af en aan met hun boten, waardoor er een gezellige drukte is. Dit hebben we nog niet veel meegemaakt tijdens onze reis.

San Nicola is ook een typisch italiaanse plaats waar de bevolking op straat leeft. Overal zie je oude mensen met elkaar zitten kletsen. Er zijn een aantal winkels voor de dagelijkse behoeften. Vanuit San Nicola rijdt een trein naar Palermo. We hebben het station gevonden, alleen is er geen loket waar we een kaartje kunnen kopen. Gerard gaat zondagochtend op onderzoek uit en vraagt in een winkel waar hij kaartjes voor de trein kan kopen. Dit is mogelijk in een plaatselijke bar. Hij koopt 2 treinkaartjes. ’s Middag zitten we op een verlaten perron op de trein te wachten. Er rijdt tot 2 keer toe een sneltrein langs, maar er komt geen stoptrein. Op het reisschema staat dat de lokale treinen niet op ‘festivi’ rijden. Wij hebben aangenomen dat dit niet op feestdagen zou zijn, maar blijkbaar valt ook de zondag hieronder. We gaan weer terug naar de boot. Omdat we toch naar Palermo willen en omdat we de treinkaartjes al hebben, besluiten we nog een dag in San Nicola te blijven.

Maandag lukt het wel om Palermo te bereiken. Palermo is een grote moderne stad met veel indrukwekkende gebouwen. Er zijn mooie winkelstraten met moderne winkels, maar er zijn ook leuke smalle straatjes vol kraampjes waar locals hun waren aanbieden. We hebben geen spijt van dit bezoek.

Van San Nicola gaan we naar Portorosa in de provincie Tindari. Een rustige haven waar we alleen overnachten. Woensdagochtend vertrekken we op tijd om door de Straat van Messina te gaan. Als we vertrekken is het prachtig zonnig weer. We zetten het grootzeil op, maar moeten de motor aanhouden om vaart te houden.Volgens de pilot is er in de Straat van Messina veel stroming en vaak veel wind. Vroeger waren er zelfs draaikolken waarin schepen verdwenen naar de bodem van de zee. Maar dat was vroeger!!

We zien bijzondere vissersboten met enorm lange boegsprieten en een hoge mast waar een bakje op staat waar vissers in staan. Deze kijken uit over zee naar zwaardvissen. Zwaardvissen slapen overdag aan de oppervlakte. Als de vissen gespot worden, worden ze met een harpoen (aan de boegspriet) gevangen. Het lijkt een ingewikkelde manier van vis vangen, maar het zal wel werken, want we zien een aantal van dit soort schepen.

Als we de Straat van Messina invaren zien we direct dat er een vreemde golfslag is. We hebben geluk dat we de wind mee hebben en ook de stroming is de goede kant op. De wind is 1-2 bft. als we de Straat ingaan, maar langzaam strekt hij aan tot 5-6 bft. en soms met uitschieters naar 7 bft. De boot kan het allemaal goed aan en wij ook.

We hebben een lange tocht achter de rug als we om 19.00 uur aankomen in de haven van Riporto del Etna aan de voet van de Etna. De haven is vrij vol en we mogen naast het tankstation liggen. Er is alleen geen stroomaansluiting mogelijk, maar onze accu´s zijn vol.

Als we na het eten een rondje wandelen door Riporto is het overal donker, omdat de stroom is uitgevallen. Nou, we missen dus niks op de boot.

Donderdagochtend lopen we weer een rondje door het plaatsje en zien veel zwart geblakerde huizen, wat typerend is voor deze plaats door de uitbarstingen van de Etna. Er komt steeds rook uit de berg. We hebben er beiden geen behoefte aan om naar boven te gaan. We hebben in het verleden al verschillende kraters bezocht.

We gaan naar een internetcafé om de laatste weersvoorspellingen op te zoeken. Vanmiddag willen we beginnen aan de oversteek van Sicilië naar Griekenland. We komen in een prachtig modern internetcafé, waar we de beschikking krijgen over een laptop, die aan tafel wordt gebracht. Het weer bij Sicilië ziet er gunstig uit en ook het gebied bij Griekenland lijkt gunstig. Het stuk zee hiertussen kunnen we niet vinden, maar we gaan ervan uit dat dit ook goed zal zijn.

Om 13.00 uur gaan we op weg met zonnig weer, maar weinig wind. Later trekt de wind wat aan. Gerard kookt nasi, wat goed smaakt. Na het eten wordt het onrustiger op zee. Er is een vervelende deining en een korte golfslag.

Als Betty naar bed gaat staat er 6 bft. wind. Het is niet mogelijk om te slapen in de voorpunt omdat je steeds ligt te stuiteren. Niet goed voor een zwakke maag. Betty wordt er chagrijnig van en grijpt haar kussen op om in de achterhut te gaan slapen. Het is een vreselijke nacht om te slapen, want ze ziet alle hoeken van de hut en wordt er kots misselijk van. Om wat frisse lucht te krijgen zet ze een raampje open. Als ze net even wegdommelt, spoelt er een golf over de boot en komt er een plons naar binnen door het kleine raampje. Ze schrikt zich wild en denkt dat de boot breekt. Hoezo geen angst?

Voor Gerard is het ook niet fijn. Grote golven komen over de boot en hij wordt steeds kletsnat. Gelukkig is de temperatuur van het zeewater hoger dan bij ons vertrek uit Nederland. Raar toch, dat we nu last hebben met 6 bft. terwijl in de Straat van Messina dezelfde windkracht geen problemen gaf. Het komt door de windrichting.

Vrijdag tegen de middag neemt de wind af en krijgen we het voorspelde rustige weer. We dobberen een paar uur op de zeilen, want we willen bij licht aankomen in Griekenland. De nacht verloopt erg rustig.

Yes, we hebben Griekenland bereikt!!!!

Om 9.00 uur lopen we Argostóli binnen op Kefalonia. We gaan langszij aan de kade liggen. In Griekenland moet je eenmalig belasting betalen om in havens te liggen. In Argostóli is een kantoor waar je dit kan regelen, daarom is dit de eerste plaats in Griekenland die we aandoen. Het kantoor is in het weekend gesloten, daarom blijven we in elk geval tot maandag hier. We voelen ons heel prettig dat we ons doel bereikt hebben.

De havenpolitie komt langs en zegt dat alle schepen met de achterkant naar de kade moeten gaan liggen omdat het steeds drukker wordt. We moeten voor de eerste keer het anker voor uitgooien om aan te leggen. Altijd spannend de eerste keer! Het ankeren gaat prima. We liggen in één keer goed. We liggen naast een duits zeiljacht en naast ons komt een frans motorjacht van 4 etages te liggen. De fransen hebben grote paniek bij het aanleggen. Gerard helpt hen door de lijnen aan te pakken en de boot naar de kant te trekken. Het zijn geen sympathieke mensen, want er kan nog geen mercie af.
Bij een bar aan de overkant van de straat kun je naar het toilet of gebruik maken van de douche. Ook is het mogelijk om gratis te internetten op het terras. Het signaal is te zwak om op de boot te ontvangen.

Er lopen veel mensen langs. Ook komen Nederlanders die op dit eiland vakantie houden, regelmatig langs en maken soms een praatje. De mensen op de boten om ons heen zijn allemaal erg vriendelijk. Alles bij elkaar maakt het gezellig om aan de kade te liggen.

Maandag gaat Gerard naar kantoor om de belasting te betalen. Daarna moet hij weer naar de havenpolitie om havengeld te betalen en de formulieren weer om te wisselen en de nieuwe papieren af te laten stempelen. Kortom een hele papiermassa moet afgewikkeld worden en dit kost hem de hele ochtend. We besluiten om morgen te vertrekken. Ook omdat er wat veel wind voorspeld is.

Die wind komt aan het einde van de middag opzetten. De boten liggen vrij onrustig. De eigenaar van de bar houdt alles in de gaten en stelt voor om de voorkanten van de boten aan elkaar te leggen. Iedereen is het hiermee eens. Als onze Franse buurman zijn boot heeft vastgelegd, weigert hij onze lijn aan te nemen. Zijn 4 etage hoge schip komt steeds dicht naar ons toe en wij zouden het op prijs stellen als hij een extra lijn legt. Hij is van mening dat hij goed ligt en gaat naar de bar. De havenpolitie komt een kijkje nemen en haalt de fransman uit de bar om hem op te dragen dat hij een extra lijn moet leggen. De fransman gaat helemaal door het lint en schreeuwt: ‘Non’. Hij vindt dat wij een probleem hebben en niet hij. Inmiddels heeft de agent uitgevonden dat de fransman geen havengeld heeft betaald. Hij dreigt de fransman dat hij moet betalen als hij de lijn niet legt. De fransman haalt bakzeil. De man is zo heetgebakerd en wordt door iedereen uitgelachen dat hij nooit een leuke vakantie kan hebben.

Gelukkig gaat de wind vrij snel liggen en we besluiten om ergens een hapje te gaan eten. We belanden in een eenvoudig restaurant waar we enthousiast worden begroet. Voordat we iets bestellen krijgen we 2 ansichtkaarten om te versturen en een schoon tafelkleed (met de afbeelding van het eiland) om mee naar huis te nemen.We eten heerlijke Griekse salade en souvlaki. Als we na het eten nog wat drinken gaat de eigenaar van de bar naar de bakker aan de overkant van de straat. Hij komt terug met een ingepakt cadeautje voor ons. Er zitten een doosje Griekse snoepjes en een honingreep met sesam in. We zijn aangenaam verrast.

Als we terug zijn op de boot komen onze Duitse buren Claus en Gisela een glaasje drinken. We hebben het heel gezellig met elkaar.

Dinsdag verlaten we Argostóli en gaan naar Fiskardho. Fiskardho ligt in het noorden van het eiland Kefalonia. Als we daar aankomen om 17.30 uur is er geen plaats meer aan de kade. Eigenlijk weten we dat je eerder aan moet komen als je een plekje wil hebben. We gaan voor de eerste keer voor anker. Het ankeren gaat gelijk goed. Als we naar de kant willen zullen we de rubber boot op moeten blazen. We gaan aan de slag. Met het instructieboekje in de hand lukt het om het bootje vaarklaar te maken. Omdat we heen en weer slingeren aan het anker, zoeken we het extra anker op en zetten dat ook in elkaar. Gerard gaat het extra anker met het bootje uitvaren, waardoor we wat rustiger komen te liggen.

We eten aan boord. Als je voor anker ligt kun je, als je wakker wordt, een lekkere frisse duik nemen en douchen achter op de boot.

We laten Fiskardho even voor wat het is en gaan op weg naar Nidri waar we om 13.00 uur aan de steiger van Evenements Reizen liggen. Omdat Martine hier heeft gewerkt en nog steeds vriendschappelijke contacten onderhoudt, mogen we hier liggen. We worden begroet door flotille leider Huib. Hij kent de Alfa Dim omdat hij bij Enjoy Sailing (onze thuishaven) heeft gewerkt. Hoezo de wereld is klein?

Er ligt hier post op ons te wachten. De tanksensor zit in een pakket, samen met een enveloppe voor Eric en een enveloppe voor ons. Verder is er een enveloppe die al even langer ligt te wachten volgens Eric. Daarin zitten foto´s van Steven, Martine, Sander en Lloyd. Er is voor Gerard een shirt met een foto van de kinderen en voor Betty een pet met dezelfde foto en op beiden staat de tekst I (hartje) my kids!!! Omdat dit waarschijnlijk het enige postmoment is zijn er verschillende kaarten bij. Echt heel leuk!!

Helaas is de verkeerde tanksensor gestuurd. We brengen hem direct naar het postkantoor om hem terug te sturen naar Nederland. We genieten in Nidri en ontmoeten mensen die we al eerder ontmoet hebben tijdens onze autoreis naar Griekenland 3 jaar geleden. Het blijkt dat veel mensen Martine kennen. Het is zo leuk om hier aan de steiger te liggen en te genieten van het uitzicht over de baai. We kunnen ons voorstellen dat Martine hiervan houdt.

Donderdagavond komt Eric bij ons eten. We willen hem graag bedanken voor de super gastvrije ontvangst. We eten één van Gerard zijn favoriete gerechten: Hollandse bonenschotel. We hebben een gezellige avond.

Vrijdagochtend worden we uitgezwaaid door Eric als we vertrekken richting Parga. We varen naar Lefkas waar we de tank volgooien met diesel. Bij Lefkas moeten we door een brug die 1 keer per uur bediend wordt. Daarna gaan we de zee op naar Parga. In Parga liggen we voor het strand voor anker. Inmiddels hebben we ervaring en is het niet meer zo spannend.

Met het bootje roeien we naar de kant en wandelen naar het centrum van Parga. Het is een leuke, heel toeristische plaats met veel restaurantjes en souvenirs winkeltjes.
Het is donker als we weer naar de boot roeien. We hebben een rustige nacht.

s´Morgens weer lekker zwemmen. Gerard roeit naar de kant om brood te halen. Wat een heerlijk leven is dit! Echt genieten.

Van Parga gaat de reis naar Platariás, een klein plaatsje waar weinig te beleven is. Er zijn veel duitsers die hun boot hier laten liggen. Ze komen met de auto naar Griekenland. Ze maken de oversteek met de Ferrie van Italië naar Igoumenítsa om in Platariás op hun boot te stappen.

Zondag 7 juni varen we van Plarariás naar Corfu Stad. We leggen aan in de haven van een luxe yachtclub onderaan de hoge muren van de oude vesting. Een prachtige plek voor een jachthaven, mooi dicht bij het centrum van de stad.

Deel 7: Ibiza naar Sicilië

We willen donderdagmiddag vertrekken uit Ibiza. Omdat we naar het internetcafé moeten om ons verslag en de foto’s te versturen, bestuderen we op internet de weersvoorspellingen.

Onze tocht naar Menorca zal een dag en een nacht duren, daarom willen we geen risico nemen met het weer. Er wordt harde wind verwacht bij Ibiza en bij Menorca zelfs tot 7 bft. De beslissing is gauw genomen, bij 7 bft. varen we niet uit. We blijven een extra dag in Ibiza. De voorspelling voor vrijdag is een stuk gunstiger.

Omdat we blijven hebben we de tijd om boven op de berg te gaan kijken waar een ommuurde oude stadskern is met kasteel en grote kerk. Hoewel het regenachtig is, is het erg leuk om hier rond te kijken. We worden steeds enthousiaster over Ibiza.
Als we ’s avonds naar bed gaan staan zoals altijd alle luiken op een kiertje voor frisse lucht.

Het ziet er buiten zwaar bewolkt uit en als we even in bed liggen begint het zwaar te onweren met harde wind en zware regenval. We zijn op dat moment erg blij met onze beslissing om niet uit te varen. Na een tijdje voelt Gerard nattigheid op het dekbed. Boven ons bed bevindt zich een luik. De regen komt door het kiertje onder het luik, door en loopt via het rolgordijntje op ons bed. Gelukkig ligt de boot een klein beetje scheef door de wind, waardoor het regenwater naar Gerard zijn kant loopt. Als we het luik dicht willen doen, moet het rolgordijn open en daardoor plenst het water over ons beiden en over ons bed. Gauw het luik dicht en de nattigheid opruimen. Ook door de andere luiken, in de badkamer en de kajuit gutst het water naar binnen, het fornuis staat vol water. Als we na de nachtelijke dweilpartij weer in bed kruipen gaat het er nog steeds heftig aan toe buiten. We zijn blij dat we niet op zee zitten deze roerige nacht, maar veilig in de haven liggen.

Vrijdag schijnt de zon en ziet het er heel helder uit. Leuk om Ibiza te zien als de zon schijnt. We vertrekken halverwege de middag.

Was het gisteren heel harde wind, vandaag geeft de windmeter 1-3 bft. aan met rond middernacht 3-4 bft. We hebben een rustige oversteek naar Menorca, waar we rond de middag aankomen.

Hoewel de dieseltank nog lang niet leeg is, willen we hem toch eerst volgooien. Doordat de tanksensor stuk is weet je nooit precies hoeveel diesel er nog in de tank is. De nieuwe sensor wordt opgestuurd naar Griekenland waar we hem in Nidri kunnen ophalen. Het zal fijn zijn als dit tank probleem is opgelost.

Er is volgens de pilot één tankstation in Mahon op Menorca. We vinden hem snel. We naderen het station. De lijnen liggen uit om aan te leggen. Vlakbij de steiger zet Gerard de motor in zijn vrij om daarna in zijn achteruit te schakelen om af te remmen. Helaas slaat de motor af en is niet meer aan de gang te krijgen. Wat nu? We naderen de steiger te snel. De medewerker van het tankstation heeft direct in de gaten wat er aan de hand is en staat paraat om te helpen. Gerard gooit het roer om en met behulp van de boegschroef komen we langs de steiger. Betty gooit een lijn naar de kant en de man hangt met zijn volle gewicht aan de lijn in een poging om de boot te stoppen. Hij heeft een lijn van de kant af naar de boot gegooid en die doet Betty aan de voorpunt. Ondertussen is Gerard van de boot gestapt met een achterlijn en trekt mee om de boot stil te leggen. Met elkaar krijgen we de boot netjes aan de kant.

Pfff, als de boot stil ligt besef je pas wat er aan de hand is.

De pompbediende denkt dat we op onze laatste druppel diesel zijn aangekomen. Dit is niet het geval. De startmotor wil niet meer rond.

We doen eerst waar we voor gekomen zijn, de tank volgooien. Ondertussen vraagt Gerard aan de pompbediende of hij een monteur weet die naar de motor kan kijken. De man begint te lachen en wijst naar een man die tegen zijn auto geleund staat. Deze man staat te wachten op zijn zoontje, die op de zeilschool is. Hij is monteur en wil wel even kijken wat er aan de hand kan zijn. Hij trekt netjes zijn schoenen uit als hij aan boord komt en kijkt bij de motor. Hij heeft een steeksleuteltje in zijn zak en maakt daarmee kortsluiting tussen 2 contacten. De motor slaat aan. Hij start nog een paar keer en het lijkt erop of er niets aan de hand is.

Hoewel hij niets wil hebben geven we de man een fooi. Wat een geluk dat hij in de buurt is. Ook de pompbediende geven we een fooi voor zijn inspanningen. Die man reageerde zo snel om ons te helpen.

We vragen hem waar we het beste een ligplaats kunnen zoeken. Blijf maar hier liggen want ik ga sluiten tot maandagochtend. We mogen stroom aansluiten en hij wijst ons de hoofdkraan voor het water. Hij zegt dat de jachthaven veel geld vraagt en van hem mogen we gratis liggen. Het lijkt erop of hij er plezier in heeft om ons te helpen. Ondanks de schrik is het voor ons een geluksdag. Overal waar we tot nog toe komen treffen we vriendelijke en hulpvaardige mensen aan.

Hoewel we tot maandag mogen blijven liggen willen we zondag toch doorvaren. We staan vroeg op omdat we om ongeveer 6.00 uur willen varen. Zal de motor het doen? Spannend.

De motor slaat aan en we varen weg. Maar de motor loopt niet zoals we gewend zijn. Het geluid is niet naar onze zin. Hij hapert en we vragen ons af of hij meer trilt als normaal.

Kortom we voelen ons niet prettig om zo een lange oversteek van 36 uur te beginnen.
Misschien ziet er iets in de schroef. We gaan terug naar ons plekje bij het tankstation waar Gerard onder de boot gaat kijken.

De watertemperatuur is 18 graden. Niet echt uitnodigend om te gaan zwemmen, maar ja.

Bij de eerste duik onder de boot ziet Gerard inderdaad een stuk touw in de schroef. Het touw zit natuurlijk muurvast en is er niet 1,2,3 uit te halen. We spannen een lijn onder de boot door waar Gerard zich aan vast kan houden, zodat hij bij de schroef kan. Met een schaar knipt hij steeds een stuk van het touw los. Steeds na 2x duiken komt hij uit het water om wat op te warmen en even te rusten. Het water is echt heel erg koud als je erin gaat. Uiteindelijk is er nog een klein stukje touw, wat niet los te krijgen is.

Inmiddels is Gerard zo koud geworden, dat hij blijft rillen. Hij zal het vanmiddag nog een keer proberen als hij weer goed is opgewarmd. Dat opwarmen duurt wel een paar uur. Hij was behoorlijk koud geworden. We blijven vandaag liggen en zullen maandag verder gaan. We gaan op zoek naar internet om het thuisfront te melden dat we morgen pas aan de oversteek naar Sardinië beginnen.

’s Middags gaat Gerard nog één keer onder de boot om met een tang het laatste stukje touw weg te trekken. Helaas zonder resultaat. Maar de schroef loopt soepel en raakt het restant touwtje niet. We maken een proefvaartje, de motor reageert nu weer normaal. We denken dat we morgen zonder problemen kunnen varen. We genieten van het mooie weer, een hapje, een drankje en een leuk boek.

Maandagochtend om 6.30 uur vertrekken we op de motor met het grootzeil bij. Weinig wind: 1-3 bft. Veel zon. Om 8.45 uur zien we een flinke zeeschildpad. We varen even terug om een foto te maken. De schildpad kijkt ons aan en lijkt te denken: Huh een boot! Leuk dat je dit zomaar tegenkomt. De zee kabbelt heel rustig. Rond 13.30 uur zien we in de verte een wit golfje dat zich verplaatst. Wat zal dat zijn? Geen dolfijnen. Af en toe zien we een fonteintje omhoog puffen. Het kan wel een walvis zijn! Als we dichterbij komen blijkt het inderdaad een walvis van zo’n 8 tot 10 meter te zijn, die onze koers ongeveer 4 meter voor ons kruist. Hij zwemt onverstoorbaar puffend aan ons voorbij. Echt helemaal geweldig!!!!!

Later zien we nog een schildpad en ook een paar dolfijnen. We hebben een super leuke dag.

De nacht brengt geen bijzondere dingen. Gerard houdt de wacht, Betty slaapt en neemt om 6.30 uur de wacht over zodat Gerard kan slapen.

Als de zon net op is en nog laag op het water schijnt, springen er 2 dolfijnen rond in die zonneschijn. Het lijkt wel een schilderij zo mooi.

We varen langs een gebied waar schietoefeningen worden gehouden. Er wordt veel geschoten, het dreunt geweldig. Soms zien we dikke rookwolken optrekken na zo’n dreun.

Verder is de tocht rustig. De temperatuur van het zeewater is hier 24 graden.
Het duurt voor ons gevoel lang voordat we in Cagliari zijn, maar om 19.00 uur zijn we in de haven. De havenmeester helpt ons bij het aanleggen. Het is een eenvoudige haven. Het toiletgebouw is een tent op de steiger. Het ziet er niet bepaald fris uit, daarom maken we gebruik van het toilet en de douche aan boord. Dit zal wel vaker voor gaan komen. Tot nog toe hadden we goede sanitaire voorzieningen in de havens.

Cagliari vinden wij geen bijzondere stad. Er zijn wel een aantal leuke plekken waar je mooi uitzicht hebt over de stad. We zijn door een aantal leuke smalle straatjes gelopen. Zo smal, dat je soms in een portiek moet gaan staan om auto’s langs te laten rijden.

De koelkast wordt niet koud. Oorzaak hiervan is dat het koelelement bevroren is en daardoor geen koude lucht meer kan blazen. We halen alles uit de koelkast en laten het element ontdooien. Als alles goed drooggedept is, kan de koelkast weer aan. Lastig dat dit gebeurt, maar als je weet wat je moet doen is dit probleempje snel opgelost.

Donderdag 21 mei (Hemelvaartsdag) en vrijdag 22 mei varen we van Sardinië naar Sicilië. Er is nog minder wind waardoor de zee voor het grootste deel spiegelglad is. Dit is de reden waarom we veel schildpadden zien. Ze steken hun kopjes net boven water uit en door de gladde zeespiegel zijn ze goed zichtbaar. Zo ook 2 haaienvinnen die een beetje rondscharrelen en vervolgens verdwijnen in de diepte. Hier hebben we geen foto’s van, want haaien springen niet en als je dichtbij komt zijn ze weg.

De nacht verloopt rustig. Vrijdag begint zonnig, maar om 7.30 uur komen we in een potdichte mist terecht. Er is bijzonder weinig zicht. Deze mist duurt tot ongeveer 9.30 uur en trekt dan op. Vervolgens is de lucht helder blauw en schijnt de zon weer volop.

Om 17.00 uur komen we in Castellammare op Sicilië. We worden opgewacht door iemand in een klein bootje die vraagt of we een mooring willen. We willen aan een steiger. Er komt nog een man in een bootje aan en het lijkt of de twee mannen ruzie krijgen. Het lijkt wel of er een wedstrijd is wie de meeste boten aan zijn steiger kan krijgen. Ondanks dat we elkaar niet goed begrijpen/verstaan komen we bij de eerste man aan de steiger te liggen. Hij beheert de steiger, het tankstation, haalt boten (die van zee komen) binnen, doet zelf de administratie en zegt dat hij 24 uur per dag op de haven is.

Castellammare is een klein plaatsje. De mensen leven op straat. Overal zie je klaagbankjes met oude mannen. In de haven is het heel stil. Er zijn veel lege steigers. We genieten van het uitzicht wat we hebben als we in de kuip zitten. Het stadje is prachtig verlicht ’s avonds. Vandaag is de eerste dag, dat het heerlijk is om lang buiten te zitten. Daarom eten we aan dek.

We kijken ernaar uit wat Sicilië te bieden heeft.

Deel 6: Van El Puerto de Santa María naar Ibiza

De weersvoorspellingen voor de Straat van Gibraltar blijven lang ongunstig voor ons. Ook in El Puerto de Santa Maria meten we regelmatig windkracht 7 bft. Daarom blijven we in deze haven liggen. Zaterdag bekijken we het plaatsje en bezoeken een Bodega, waar we na de rondleiding 5 soorten sherry proeven: Fino, Amontillado, Oloroso, Cream en Pedro Ximénez. Dit voor de kenners onder ons. We kopen wat flessen, en o.a. een plastic (azijn) fles gevuld met Amontillado.

Zondag willen we met de Ferry de baai oversteken naar Cadiz, maar ook de Ferry blijft aan de kade vanwege de harde wind. Dan nemen we de trein naar Cadiz, want El Puerto de Santa Maria hebben we wel gezien. Cadiz is een grote stad waar veel toeristen op de been zijn. Er liggen 3 grote cruiseschepen in de haven. Cadiz is een mooie stad.
We lunchen op het terras van een grappig restaurant. De bestellijst met allerlei kleine gerechten ligt op tafel. Als je je maaltijd hebt samengesteld kun je de lijst invullen en inleveren. Als de gerechten klaar zijn, wordt je naam afgeroepen en kun je het blad met heerlijke tapas ophalen. Wij zijn erg enthousiast over dit restaurant en over het concept.

De stormwaarschuwing voor Gibraltar is er nog steeds en in de haven merken we ook nog steeds dat het hard waait. Voor Jaap en Carolina is het heel jammer dat zij niet tot Gibraltar zullen komen, maar in overleg besluiten we, dat we in El Puerto de Santa Maria blijven liggen tot dinsdag of woensdag. Jaap en Carolina zullen dinsdagmorgen op de trein stappen naar Malaga waar woensdag aan het einde van de ochtend hun vliegtuig naar Nederland vertrekt. Ze nemen voor 1 nacht een hotel.

Als het besluit genomen is, weten we waar we aan toezijn en geeft dat rust. We hebben nog 1 dag met Jaap en Carolina; we gaan met de trein naar Sevilla.

Dinsdag 5 mei brengen we Jaap en Carolina naar de trein. We hebben het heel erg gezellig gehad met hen.

Woensdag gaat de Alfa Dim na 5 dagen rust weer los met bestemming Barbate. Om op zee te komen moeten we eerst een stukje kanaal varen en daar waait het al stevig, dus uit voorzorg maar vast een pilletje nemen. Op zee staat een wind van 5 bft. welke wat afneemt naar 4 bft. Vanaf 13.00 uur trekt de wind aan van 5 naar 6 en uiteindelijk naar 7 bft. Dan hebben we de wind pal voor de boeg en de golven beuken tegen de boot, terwijl ze regelmatig over het dek slaan.

We zoeken beschutting achter/onder de buiskap, maar worden beiden drijfnat. Gelukkig is het niet koud. Omdat er veel tonijn visnetten uitstaan in het gebied voor de haven, moeten we een heel stuk omvaren. Om 18.00 uur komen we aan in Barbate. Het was een mooie, maar vermoeiende tocht. We koken eten en gaan niet lang daarna naar bed.

Donderdag kijken we rond in de badplaats Barbate. Op het strand rijden traktoren die bergen zand aan het verspreiden zijn en het vervolgens platrijden. Het strand gaat er prachtig uitzien voor het nieuwe zomerseizoen. Omdat er een wasmachine en een wasdroger aanwezig is in de haven, doen we de was maar weer. Je weet nooit hoe lang het duurt voordat zich weer een gelegenheid voordoet. Nu zijn al onze kleren en alle handdoeken weer schoon en schone dekbedhoezen en lakens liggen gereed voor onze volgende gasten.

In de haven liggen 2 Nederlandse boten met gepensioneerde mensen aan boord. 1 stel is net als wij op weg naar Griekenland, alleen zij zijn van plan er jaren over te doen. Het andere stel woont het hele jaar op de boot en liggen in de wintermaanden in Lagos. Leuk om met deze mensen een praatje te maken.

Volgens de voorspellingen kunnen we vrijdag door de Straat van Gibraltar te gaan. Er nog steeds een oosten wind zijn maar dan met een sterkte van 3 tot 4 bft. Om 11.45uur verlaten we Barbate en zetten we koers richting Gibraltar.

Echter het eerste stuk is de wind 5-6 bft. welke flinke golven geeft Er komt bewolking opzetten en het is fris, dus een warme jas is geen overbodige luxe. Ook vanwege het water dat overkomt. Op de Navtex verschijnt een bericht dat er een passagier overboord is geslagen van een Ferry. Alle schepen worden opgeroepen uit te kijken en de reddingsvaartuigen niet in de weg te varen.

Om 15.00 uur trekt de bewolking weg en gaat de zon weer volop schijnen. De wind valt helemaal weg. We verbazen ons erover dat we zo dicht langs Marokko varen als we Gibraltar naderen. Om 17.00 uur zijn we bij de haven en we vragen via de marifoon om een ligplaats. Helaas kunnen we de haven niet in omdat er geen plaats is. Er is wellicht de volgende ochtend wel plek, dan zullen we voor deze nacht een ankerplaats moeten zoeken.

Maar het is nog heel mooi weer en we besluiten om door te varen naar de volgende havenplaats, Puerto Sotogrande, ongeveer 12 mijl verderop. Puerto Sotogrande is een kleine plaats met een kleine haven. We zullen hier alleen overnachten en morgen weer verder gaan. Alle benodigde formulieren moeten weer worden ingevuld, we moeten zelfs een vaarbewijs laten zien, dat is de eerste keer deze reis. Nou ja, dan hebben we dat tenminste niet voor niets meegenomen. Voor de stroom krijgt Gerard een losse stekker die hij maar aan een eigen snoer moet maken. Daar heeft hij geen zin in, dan doen we het maar zonder walstroom. Hij wil vooraf het havengeld betalen. Dit is een tip die we uit de pilot hebben gehaald, zo voorkom je onaangename verrassingen.

De rekening wordt opgemaakt. Op de tarievenlijst staat een bedrag van 40 euro per nacht. Helaas krijgen wij een rekening van 80 euro onder onze neus. Welkom in de Middellandse Zee!!! Nu hebben wij geen zin om dit bedrag te betalen, alleen om een aantal uren onze lijnen aan een steiger vast te leggen in een dorp waar verder niets te beleven is. Dus we vertrekken, jammer van al het papierwerk.

We gaan de nacht doorvaren. Het is nog prachtig weer, alleen geen zuchtje wind, dus motoren. We hebben voldoende voorraden om een maaltijd te verzorgen.
Gerard blijft de nacht aan dek en ziet wel 4x een groep dolfijnen rond de boot, genieten dus.

Om 7.00 uur wisselen we de wacht en ook Betty heeft geluk, 2x een grote groep dolfijnen in de vroege ochtend. Jammer voor Jaap en Carolina dat ze er niet bij zijn, helaas hebben we geen dolfijnen gezien toen zij aan boord waren.

Om 13.15 uur komen we aan in de mooie, grote haven van Almerimar. We houden ons hart vast voor de prijzen van deze haven en nemen ons voor dat we voor anker gaan als het te gek is. Als Gerard terugkomt van het havenkantoor is hij erg enthousiast. Nu weet hij zeker dat ze hem gisteren in de vorige haven wilden oplichten. Deze haven, waar alles aanwezig is en waar we zelfs hulp kregen bij het aanleggen aan de meldsteiger, kost slechts 13,00 euro per nacht. (Gerard denkt omdat er zoveel appartementen te koop staan willen ze de haven vol hebben om een goede indruk te geven aan aspirant kopers. En om leegstand van restaurantjes en winkels te voorkomen zal er bedrijvigheid moeten zijn)

Ook bij het aanleggen op onze toegewezen plaats krijgen we hulp bij het aanleggen. Gelukkig maar, want dit is de eerste keer dat we vastliggen met een lazyline. Gerard pakt meteen in een vishaak die vastzit in de lazy-lijn. Zoutwater ontsmet er is dus niets meer aan de hand dan een gevoelige plek op de vinger.

Een lazy-lijn is een lange lijn die aan een beton blok in het water vast zit. Je ligt met je boeg of achtersteven tegen de steiger en de andere zijde met de lazy-lijn aan het betonblok. Deze lazy-lijn zit met een hulplijntje aan de steiger vast. Met dit hulplijntje kun je de lijn bovenwater trekken. Je trekt de lijn strak en bevestigt hem aan de achterkant van de boot zodat de boot niet meer tegen de steiger kan komen. Deze manier van aanleggen wordt veel gebruikt in het middellandsezee gebied.

Rondom de haven van Almerimar zijn veel luxe appartementen gebouwd waar heel veel oudere Engelsen zich hebben gevestigd. In de haven liggen daarom waarschijnlijk veel engelse schepen. Wij hebben een leuke plek in de haven waar je kunt genieten van in- en uitvarende schepen.

Zondag is het moederdag. Een moederdag zonder de kinderen. Maar Gerard neemt de honneurs waar en maakt een heerlijk ontbijt klaar waar we van genieten in de zon. De kinderen sturen één voor één een sms met de mededeling dat ze wel aan me denken.
Om 16.00 uur verlaten we Almerimar en gaan op weg voor een nachtelijke tocht naar Cartagene. Een tocht met weinig wind en toch wordt Betty al snel zeeziek. Na het eten maar gauw naar bed. Gerard blijft de hele nacht aan dek en wordt om 7.00 uur afgelost door Betty die weer opgeknapt is. Gerard kan nog een kleine 3 uur slapen voordat we Cartagene binnenlopen. Cartagene ligt tussen hoge heuvels en of bergen in. Ziet er bij aankomst dreigend uit door bunkers en kasteelmuren rondom de baai ingang. Je kunt je zo voorstellen dat deze plaats in de oudheid heel wat aanvallen te verduren heeft gehad.

Om 10.15 uur liggen we aan de kade van een promenade met veel palmbomen. Het is warm en we zetten voor de eerste keer de bimini (zonnedak boven de kuip) op. Zo kunnen we op deze prachtige plaats heerlijk genieten van alles om ons heen, onder het genot van een hapje en een drankje. Het lijkt wel vakantie!

Cartagene is een moderne grote stad met alle winkels die je maar kunt wensen. Er wordt overal gebouwd en verbouwd. Op een rij hoge panden wordt gewoon één pand tussenin weggebroken en een nieuwe komt ervoor in de plaats. Straten die er in onze ogen nog mooi uitzien worden helemaal vernieuwd. De stad krijgt een mooie moderne uitstraling.

Om 17.00 uur gaat het internetcafé open en we gaan onze mail beantwoorden en via skype bellen met thuis. Lekker bijkletsen met alle drie de kinderen en hen even zien via de webcam. Ook Lloyd komt in beeld. Jammer dat we niet even kunnen knuffelen.
Dinsdag varen we van Cartagene naar Ibiza. Ook dit is een nachtelijke oversteek. Bij vertrek is het zonnig weer met weinig wind. Bij de schemer wordt het zwaar bewolkt.
Gelukkig vandaag geen last van zeeziekte dus Betty kan gewoon eten koken tijdens het varen.

De wolken boven ons hoofd worden steeds dikker en als de avond valt kun je geen hand voor ogen zien, zo donker is het. Aan alle kanten zie je bliksemflitsen, voor, achter en opzij. Dit blijft de hele nacht doorgaan. Af en toe wat wel donderslagen maar niet zo veel. Er valt af en toe wat regen, geen heftige buien.

Op de radar zien we een schip op 1 mijl afstand. We zien alleen 2 witte lichten en een rood licht. We zitten te turen en ons af te vragen wat voor schip het zal zijn. Het moet een groot schip zijn. Ineens een enorme bliksemflits. De hele omgeving wordt verlicht en wij zien inderdaad een groot zeeschip aan ons voorbijtrekken.

Eigenlijk is het wel griezelig als er zo zwaar onweer is als je op zee bent. Maar je moet erdoor heen, want je kunt het niet ontvluchten en je kunt het niet voor zijn. Als het licht wordt ziet de boot eruit als een auto die dagelijks op een bouwterrein rondrijdt en niet vaak gewassen wordt. Met de regen is er veel rood zand naar beneden gekomen en dat plakt overal op de boot. De reis verloopt verder voorspoedig en rond de middag komen we aan op Ibiza.

We lopen de haven in met dikke bewolking en regen. Dit is wel het allerlaatste wat we ons van dit vakantie eiland hadden voorgesteld. We krijgen een plaats aan de steiger tussen 2 grote motorjachten. Dit soort boten zie je hier meer als zeiljachten. Van Ibiza hadden we geen bijzondere verwachtingen, alleen dat het er altijd zonnig is, maar het is een erg leuke stad. Omdat het vakantieseizoen nog niet is begonnen is het overal vrij rustig. Zo ook in Ibiza stad. Veel bars en restaurants zijn nog gesloten. Daarom is het misschien wel extra leuk om hier rond te lopen en ervan te genieten.

Deel 5: Lissabon tot El Puerto de Santa Maria

Donderdag 22 april om 16.30 uur landen Jaap en Carolina in Lissabon. Ze komen met de trein van het vliegveld naar de jachthaven, waar wij hen opwachten met champagne. Gezellig dat zij er zijn. We eten met elkaar op de boot. Vrijdag gaan we Lissabon verkennen. We nemen een dagkaart voor het openbaar vervoer, dan kunnen we de bus, tram of metro nemen waar en wanneer het ons uitkomt.

We nemen een authentieke tram om naar een kasteel (kasteel Heilige Sjors) te gaan. Deze ligt hoog op een steile heuvel, daarom is het erg aantrekkelijk om met het trammetje te gaan.

De tram is vrij vol. Op een gegeven moment maken 2 dames ruzie met elkaar. Ze schreeuwen wat tegen elkaar. Even later beginnen ze weer en het oudste vrouwtje pakt haar paraplu om de ander te slaan. Het escaleert flink en de ander begint het oude vrouwtje wild aan haar haren te trekken. Het oudje schreeuwt als een mager varken.Beide dames staan met paraplus tegenover elkaar. Een man grijpt in en dwingt één van de dames, samen met de man waar zij mee samen reist, naar buiten. Het stel loopt de route van de tram, die geen snelheid kan maken door de verkeersdrukte. Bij elke halte ziet de oude vrouw hen, zij hangt dan uit het raam van de tram en schreeuwt honderd uit. Een kindje in de tram begint hard te huilen omdat het oude mens zo tekeer gaat. Het is een heel genante gebeurtenis en toch wel lachwekkend. Het geeft aan hoe heetgebakerd de mensen hier zijn.

Boven bij het kasteel hebben we genoten van het uitzicht over Lissabon.
’s Avonds hebben we gegeten in een Fado Restaurant. Een Portugees restaurant met levende muziek.

Zaterdag gaat om 6.00 uur de wekker want we willen om 7.00 uur vertrekken. We varen ongeveer 2 uur voordat we de rivier af zijn en met een flinke stroom mee de zee op. We laten Lissabon achter ons en gaan richting Sines. Het is prachtig weer en de wind is 5 bft., later 4 bft. en komt uit de goede hoek. We hijsen de zeilen. Voor Carolina en Jaap wordt het een zware tocht want ze krijgen beiden te maken met zeeziekte. Gelukkig hebben ze (helaas) een expert op dat gebied bij zich die hen zo goed mogelijk probeert bij te staan. Omdat pillen niet binnen blijven, gaan ze naar bed, waar je op dat moment het beste kunt zijn. Gelukkig voelen zij zich daar wat beter. Je weet van te voren niet of je ziek wordt en waarvan je ziek wordt. Het is ook niet te voorkomen. Ze waren in elk geval nog niet ingeslingerd.

Verder hebben we een mooie tocht naar Sines, waar we om 16.30 uur de haven binnenlopen. Gelukkig ben je niet meer zeeziek als je in de haven bent, al kan je nog wat slap zijn door je lege maag.

In de haven staan wasmachines en daar maken we dankbaar gebruik van door 2 wassen te draaien. Door de harde wind is alles in een mum van tijd droog en heerlijk zacht gewaaid. Hier kan geen wasverzachter tegenop hoor! We gaan een kijkje nemen in het plaatsje. Omdat het zondag is, is er weinig te beleven. Bijna alles is dicht, behalve de kerk die volgepropt is met mensen die de dienst bijwonen.

Volgens de Pilot (een boek waar wij alle gegevens over havens e.d. halen) kun je internetten op het Tourist Office, dus we gaan kijken of die open is. We hebben geluk! Er staat een computer die we mogen gebruiken. Helaas is deze net defect. De medewerker van het toeristenburo biedt zijn computer aan om onze weerberichten op te zoeken. We willen om 17.00 uur vertrekken om ’s nachts naar de Algarve te varen. Er wordt windkracht 6 bft. voorspelt met hoge golven. Morgen zal het kracht 4-5 bft. zijn. Omdat we graag willen dat onze gasten een leuke tijd hebben bij ons aan boord, besluiten we dat we nog een nacht blijven liggen om met minder wind de meest Zuid-Westelijke Kaap (Cabo de Sao Vicente) van Europa te ronden. We liggen onze eerste dag verwaaid!

Nu kunnen we maandagochtend nog een keer naar het centrum van Sines, waar dan alle winkels open zijn. Zelfs de kapsalon is open en Betty laat eindelijk haar haren kort knippen. Iets wat in Nederland al had moeten gebeuren. De middag doet ieder waar hij zin in heeft: strand, internetcafé of lekker op de boot met een leesboek. Om 16.45 uur verlaten we Sines. Bijna ieder voorzien van een pilletje, dus het moet goed gaan. De wind komt weer uit de goede hoek en met 4 bft. hebben we er zin in. Om onze magen rustig te houden eten we steeds een kleinigheid en dat werkt prima. Op tijd gaat ieder naar bed.

Gerard blijft alleen aan dek. Om 1.30 uur meldt hij dat er dolfijnen om de boot zwemmen. Even kijken natuurlijk. 3 grote jongens zwemmen rond en onder de boot. Zelfs in donker zijn ze te zien. Door het schuim om hen heen is hun silhouet heel duidelijk, zelfs onder water. Het duurt niet lang en dan vertrekken ze weer. We zijn net de kaap voorbij, waardoor de golven extra hoog waren. Het is helder weer en de hemel is bezaaid met sterren, zoveel heb ik er nog nooit bij elkaar gezien, echt prachtig. Betty gaat weer naar bed.

Jaap is om 4.30 uur wakker en komt Gerard gezelschap houden.

Om 9.15 uur lopen we de haven van Vilamoura binnen. Een luxe toeristisch resort met 4 golfvelden, waar enorme grote motorjachten in de haven liggen. De haven ligt in een kom waar veel winkels en restaurant omheen gebouwd zijn. Door ’s nachts te varen en vroeg in de haven aan te komen, heb je de hele dag om leuke dingen te doen.

Van Villamoura varen we naar Mazagon. Omdat we hebben afgesproken dat we om de beurt voor het eten zullen zorgen, maken Jaap en Carolina een overheerlijke pasta klaar die er goed ingaat. Na het eten drinken we nog wat aan dek met kaarsjes aan. In Magazon is niet veel te beleven.

Op Koninginnedag varen we naar El Puerto de Santa Maria. Bij vertrek is het bewolkt, maar gelukkig klaart het halverwege de ochtend op en kunnen we genieten van de zon.
’s Middags vernemen we via smsjes van de kinderen dat de feestelijkheden van Koninginnedag afgelast zijn ivm een ‘aanslag’ op de koninklijke familie, waarbij doden en gewonden zijn gevallen in het publiek. Toch schrikken.

We hebben een goede overtocht. Om 17.30 uur komen we aan in El Puerto de Santa Maria. In deze plaats zijn de Sherry bodega’s die we natuurlijk gaan bezoeken.
Omdat het morgen 1 mei is, is hier overal feest en zijn alle winkels gesloten. Daarom doen we wat inkopen in de supermarkt.

Vrijdag 1 mei bekijken we de stad. Het is erg druk met motorrijders omdat de World Championships in Jerez zijn. Zoiets als de TT in Assen, maar dan groter. Er heerst een gezellige drukte.

In een zaak kun je een puntzak schelpdieren kopen (een tip van een collega). De mensen staan ervoor in de rij. Overal zitten mensen te smullen uit deze zakken. Je mist wat als je niet van vis houdt. We lopen langs een oude kerk en zien tot onze verrassing veel bewoonden ooievaars nesten in de torentjes tussen de beelden van heiligen. Even later zijn we bij de Arena waar nog steeds om de zoveel tijd stierengevechten zijn. De weersverwachtingen voor de Straat van Gibraltar zijn niet zo gunstig. Harde wind uit het oosten. Misschien zullen we moeten wachten met deze tocht. Zaterdag 2 mei kijken we of de baai over kunnen steken naar Cadiz en zullen een besluit nemen aan de hand van de weerberichten wanneer we verder richting Gibraltar gaan.

EXTRA: Ervaringen van een stel landrotten

Voor ons, Carolina en Jaap, was het een geweldige uitdaging om met Gerard en Betty mee te mogen zeilen. Behalve een enkel weekendje zeilen op het Wad, was onze zeilervaring niet erg groot. Wat de Atlantische Oceaan een stel landrotten te bieden heeft, zouden we ervaren in onze route van Lissabon tot Malaga.
Na onze vlucht naar Lissabon en de bustocht vanaf het vliegveld werden we allerhartelijkst verwelkomt aan boord van de Alfa Dim. De ‘kooi’ was al opgemaakt en de champagne stond koud. Wat een ontvangst! Na een lekkere maaltijd en een drankje waren we helemaal klaar voor het avontuur!

Twee weken zeeziek?

Na een dag Lissabon bekeken te hebben, wordt het tijd de trossen los te gooien. Op naar de eerste bestemming Sines. Nadat we de havenmonding van Lissabon uitvaren, neemt de wind al vrij snel toe. Voor de zekerheid toch maar even ‘zeeziektepillen’ aan Betty gevraagd. Maar helaas zijn deze aan ons niet besteed. Zitten we na maanden van voorpret een uurtje op zee en is het gelijk al mis. We krijgen het om de beurt flink te pakken. Maar ja, wat moet een landrot ook op de Atlantic? We volgen het advies van de doorgewinterde zeerotten op en gaan maar in de kooi liggen. Gelukkig wordt het minder! Maar, vraag je jezelf af; is dit ons lot de komende twee weken?! Op die manier is zeilen echt niet leuk…….

Landrotten met zeebenen

Tijdens de volgende zeiltochten blijkt dat de zeeziekte niet meer terugkeert. Al heel snel hebben we zeebenen en is een behoorlijke golfslag ook voor ons geen probleem meer. Poeh, dat valt mee! De volgende uitdaging is om wat meer mee te kunnen helpen tijdens het aan- en afmeren en het zeilen. Welk touw is nou voor het grootzeil en welk voor de fok? Welk touw moet je nou aantrekken en welke juist laten vieren? We komen erachter dat zeilen ervaring en inzicht vraagt, al zegt Gerard dat het allemaal hartstikke simpel is! Maar ook dat gaat steeds beter en leveren we onze bescheiden bijdrage.

Een zeiltocht van 6 maanden!

Als je zelf korte tijd aan boord van de Alfa Dim bent, besef je goed dat Betty en Gerard een enorme uitdaging aangaan door zo’n enorme tocht van 6 maanden te ondernemen. Elke keer is het weer afwachten hoe de windverwachting is, of er plaats in de haven is en waar je morgen je boodschappen zult doen. Het feit dat je ver van de dagelijkse hektiek bent, is misschien een voordeel maar ondertussen zijn de kinderen en verdere familie ver weg! Gelukkig hebben de moderne mediatechnieken zoals SMS en internet wel veel verbeterd!

Wat je ook beseft als je twee weken aan boord bent, is dat de Alfa Dim regelmatig om onderhouds- en schoonmaakwerkzaamheden vraagt. Dus niet alleen af en toe een wasje doen of even afstoffen, maar de handen uit de mouwen om de motor, tuigage of navigatieapparatuur af te stellen om de boot in topconditie te houden!

Onze tocht zit er bijna op…..

De twee weken vliegen om en voor je het weet, stappen we op ons vliegtuig in Malaga. Nog even een terugblik op onze ervaringen. We kenden Gerard en Betty goed genoeg om te weten dat het een heerlijke vakantie zou worden. Gezelligheid en gastvrijheid ten top, maar ook ruimte voor jezelf als dat nodig zou zijn. En die verwachting is uitgekomen! De ruimte en luxe van de Alfa Dim geeft het gevoel van luxe cruise in plaats van sobere zeilvakantie. Maar uiteindelijk komt de echte zeilliefhebber niets te kort. Zee, zon, wind en prachtige havens! Wat wil een mens nog meer?

Je begrijpt gewoon niet dat de Alfa Dim niet tot oktober is volgeboekt! Hartstikke bedankt voor deze mooie belevenis!

Carolina en Jaap

Deel 4: Van La Curoña naar Lissabon

Voordat we dinsdagochtend de zee opgaan, moeten we eerst tanken. Dat kan in de naastgelegen haven. Als we het tankstation naderen komt er een medewerker van de haven naar de steiger met de mededeling dat er geen diesel in het tankstation aanwezig is en hij verwijst ons naar de overkant van de baai. Zijn buurman staat echter hard te zwaaien en te roepen dat hij wel diesel heeft. Ze hebben waarschijnlijk niet zo’n goede band samen dat hij de buurman de winst gunt. We gaan toch naar de buurman. Een aardige man die ons tussen de boten door loodst. Aan één kant liggen namelijk allemaal boten aan ankers en het is altijd raadzaam om daar omheen te varen, maar dat hebben wij wel in de gaten.

Het tankstation staat boven op een hoge muur, lastig aanleggen. Een paar extra fenders tussen de boot en de muur is wel nodig. Tijdens het tanken vindt de man het nodig om ons te adviseren om niet de zee op te gaan omdat er golven van wel 5 meter hoog zijn en met de wind tegen, zal dat geen pretje zijn.

We rekenen af en gaan natuurlijk toch de zee op. De wind is 5 bft en neemt later af tot 3-4 bft. We varen naar het westen op de zeilen, wat heel goed gaat, maar dan moeten we de koers verleggen naar het zuiden en varen we pal tegen de wind in. Het is wisselend weer. De zon schijnt heerlijke en dan ineens verschijnen er donkere wolken aan de hemel en komt er een flinke regenbui over ons heen, iets wat ons drie keer overkomt. Die buien geven uiteraard extra wind. De golven zwellen op tot 3 à 4 meter hoogte, maar daar raken we al aan gewend. Uiteindelijk hebben we een mooie tocht en komen we in Camariñas aan met een heerlijk zonnetje.

De haven van Camariñas is klein en bestaat uit 3 steigers. De havenmeester staat ons al op te wachten op de steiger en pakt de lijnen aan om ons vast te leggen. Er is alleen geen gesprek met de man mogelijk omdat hij alleen Spaans spreekt. Dit is ook het geval met de mensen die in de bar werken. Ze willen je heel graag helpen en kijken je lachend aan, maar begrijpen absoluut niet wat je zegt. Misschien moeten we ons toch meer verdiepen in de Spaanse taal.

We genieten even heerlijk aan dek in de zon. Ondertussen repareren we wat doorgesleten lijnen. Hebben we ons zeil naaimandje niet voor niets meegenomen.
We maken een rondje door Camariñas. We hebben veel bekijks van de plaatselijke bevolking, er zijn dit seizoen waarschijnlijk nog niet veel toeristen geweest. De kust ten zuiden van Coruñas wordt ook wel Costa da Morta genoemd omdat veel schepen zijn vergaan. Gerard had dit wel gelezen, maar had dit van te voren niet aan mij verteld.

Verder wordt in dit stadje door de vrouwen kant geklost. Er zijn veel winkeltjes waar zij hun eigengemaakte waren met verkopen. We gaan wat drinken in de bar in de haven en bekijken gelijk onze mail en de weerberichten. Er zijn veel mailtjes binnengekomen als reactie op de site die net weer is aangepast. Gezellig die reacties!

Verder kletsen we even met onze buurman in de haven. Hij heeft een schip gekocht in Schotland en vaart deze nu naar Corsica, waar hij gaat chartervaren met deze boot.
Woensdag om 9.00 uur gaan we weer verder. Het weer ziet er goed uit, totdat we op zee komen. We beginnen met een wind van 5 bft. pal tegen. De zon maakt snel plaats voor dikke wolken waar regelmatig regenbuien uitkomen. Later zakt de wind iets terug naar 4 bft. maar dat duurt niet lang en hij trekt weer aan naar 5-6 bft. Tijdens onze eerste tocht op de Atlantische Oceaan stampen we tegen wind in naar de volgende bestemming. Aan het einde van de middag geeft de windmeter een dikke 6 bft. aan en op dat moment loeit de wind door de mast. De hoge golven beuken tegen de boot en slaan er steeds overheen. Al met al is dit geen leuke tocht. We zijn koud tot op het bot als we om 20.30 uur de haven van Cangas bereiken. We zoeken een plaatsje aan de steiger en zullen ons morgen wel melden op het havenkantoor.

We nemen een schippersbittertje, koken eten (zuurkool met ham en kaas), nemen nog maar een borreltje en gaan dan lekker doorgewarmd naar bed.

Donderdag kopen we brood voor het ontbijt, wisselen 2 gasflessen om en verlaten Cangas weer. We hebben weinig van deze stad gezien, maar wat we gezien hebben ziet er niet bijzonder uit. Als we wegvaren is de regen net even opgehouden en breekt de zon door. De zee ziet er een stuk rustiger uit als gisteren. Met 4 bft. en de wind vanuit WNW, varen we met volle zeilen naar het zuiden.

Dit is de allereerste dag dat de wind uit een zo gunstige hoek komt en dan ook nog de zon erbij, het kan bijna niet mooier.

Jawel, dat kan wel. Als Gerard om ongeveer half 3 naar binnen gaat om brood te maken, verschijnen 2 puntige vinnen naast de boot. Dolfijnen!! Ja hoor een groepje dolfijnen zwemt vrolijk springend met ons mee. We proberen natuurlijk foto’s te maken, wat eigenlijk niet lukt. Zij zijn te snel en het fototoestel heeft een vertraging waardoor de dolfijnen al weer onder water zijn als de foto wordt genomen. Een staart en een vin hebben we kunnen schieten en dan geven we het op. We gaan gewoon genieten van het schouwspel, anders is het voorbij.

Zeker een uur lang blijven de dolfijnen bij ons. Dit is echt zo geweldig, daar wordt je helemaal blij van.

Rond 16.00 uur passeren we de grens van Spanje en Portugal. Om 19.00 uur bereiken we de haven van Viana do Castelo. We leggen de boot vast aan de steiger voor de haven wat we een mooie plek vinden. Gerard gaat op zoek naar de havenmeester, maar komt eerst bij een bewaker, voorzien van een groot pistool terecht. Vervolgens komt de havenmeester aangesneld en die neemt Gerard mee naar het havenkantoor. Het duurt zeker een half uur tot 3 kwartier voordat hij weer terug is. In Portugal moeten zoveel formulieren ingevuld worden voordat je in de haven mag liggen, het is onvoorstelbaar. Dit is de eerste keer tijdens onze reis dat we alle bootpapieren en paspoorten moeten laten zien. Tot nog toe werd niets gevraagd, hoefden we alleen te betalen.

Als we een rondje lopen zijn alle straten verlaten en de winkels dicht. Wel zien we leuke straatjes met veel granieten huizen, allemaal met kleine balkonnetjes. Morgen hoeven we niet zo vroeg te vertrekken, dus hebben we tijd om nog een keer een rondje te maken.

Als we naar bed gaan zetten we geen wekker.

Vrijdagochtend gaan we de stad nog een keer in en Viana do Castelo blijkt een heel bijzonder stadje te zijn. De winkels zijn nu open en iedereen heeft ook veel waren op straat uitgestald. Op hoeken van de straat staat regelmatig een kar waar een vrouw vis verkoopt. Overal klinkt vrolijke muziek, er zijn veel mensen op de been die met elkaar staan te praten. Door hier zo rond te lopen krijg je het echte vakantiegevoel. Eigenlijk willen we dat gevoel nog wel even vasthouden. Misschien komen we hier op de terugweg nog een keer. Nu gaan we naar de boot om na de lunch richting Leixoes (de havenstad van Oporto) te vertrekken.

Als we vertrekken, wisselen zon en bewolking elkaar steeds af. We varen zonder veel problemen naar Leixoes, waar we om 19.30 uur aankomen. De havenmeester is al naar huis, maar ook hier komt iemand van de bewaking (ook met wapen) om onze papieren vragen, hij neemt alle gegevens op en verteld dat we ons morgen om 9.00 uur kunnen melden op het kantoor. Als we ons zaterdag melden op het havenkantoor, worden weer alle gegevens in viervoud genoteerd, de verzekeringspapieren en paspoorten gekopieëerd. Het is ongelofelijk wat een papierwinkel hieraan te pas komt. In de pilot hebben we gelezen dat het verstandig is om altijd je bootpapieren en je legitimatie bij je te hebben als je de steiger afgaat, anders laat de bewaking je niet meer de steiger op om naar je boot gaan. Nou ja, iemand die niks op de steiger te zoeken heeft, komt er in elk geval ook niet op.

Zaterdag is het een beetje miezerig weer. We gaan naar Oporto met de metro. Omdat we de Portugese taal niet meester zijn, valt het niet mee om via de automaat het juiste kaartje te kopen voor onze rit naar het centrum van Oporto. Gelukkig is een jongeman zo vriendelijk om ons te helpen. Er is een mooi systeem voor de kaartjes, je moet het alleen even door hebben. We gaan met een moderne metro richting Oporto, waar we door de stad wandelen en uitkomen bij de Villa Nova de Gaia. Hier is het eldorado voor de echte Port liefhebber. De kelders waar de port vandaan komt. We gaan naar de kelder van Graham’s Port, waar we een rondleiding krijgen en waar natuurlijk port geproefd gaat worden.
Hierna gaan we met de metro weer terug naar de boot.
Zondagochtend worden we wakker terwijl de zon al vrolijk aan de hemel staat. We nemen lekker de tijd om hier een poos van te genieten. Krijgen onze armen en benen ook wat zon.

Tegen de middag trekken we weer richting het centrum van Oporto. Er is niet veel te beleven omdat bijna alles dicht is. We gaan lunchen op een terras. Hier is ook een bus Nederlanders losgelaten. Wat kunnen deze mensen zich misdragen zeg, je schaamt je gewoon dat je hen verstaat. Verder houden we Oporto voor gezien.

Maandag verlaten we Leixoes en zetten koers naar Figuera da Foz. De wind komt ook deze keer uit de goede richting, alleen staat er bijna geen wind. Met slechts 1 ࣃ 2 bft. komen we zonder motor niet vooruit. Af en toe is de zee zo glad als een spiegel. Hierdoor zien we de dolfijnen, die ons komen begroeten, heel goed. Natuurlijk grijpen we weer naar het fototoestel en deze keer staan ze er iets beter op, alleen zwemmend voor de boeg. Ze blijven niet lang bij ons, maar het was toch weer even leuk.

Verder is er niet meer te beleven dan opletten dat we de visnetten omzeilen en lekker genieten van de zon. Als de wind iets aantrekt kunnen we nog een mooi stuk zeilen.

Om 18.00 uur bereiken we Figuera da Foz. De Maritieme Guardia Civil (douane) gebaard om aan te leggen naast 3 engelse schepen. Het aanleggen gaat perfect. De schipper van de boot waar we aanleggen vraagt verbaast aan Gerard of we een hekschroef hebben, zo mooi drijft de boot opzij tegen het andere schip aan. We hebben natuurlijk geen hekschroef, gewoon stuurmanskunst! (geluk!)

Als alle papieren weer in orde gemaakt zijn, zoeken we een plaats in de jachthaven want we willen niet 4 dik aan de gastensteiger blijven liggen. Bovendien willen de Engelsen allemaal om 7.00 uur vertrekken en wij willen pas na de middag weg.

Dinsdag draaien we een was en kijken rond in het plaatsje. Na de lunch vertrekken we voor een lange tocht naar Lissabon. Omdat we met daglicht in havens aan willen komen varen we deze tocht ’s nachts. We zullen morgenochtend dan de haven van Lissabon bereiken. We hebben een rustige tocht waar niets bijzonders gebeurt.

Opletten voor de visnetten. Af en toe zwemmen een paar grote dolfijnen om de boot. Ze springen niet, zwemmen een klein stukje mee en verdwijnen weer, om vervolgens na een uurtje weer even mee te zwemmen. Het is wel grappig om te zien dat ze altijd in formatie zwemmen. Altijd met z’n tweeën of met z’n vieren. Het blijft bijzonder als ze in de buurt zijn.

Om 7.00 uur varen we in de vaargeul naar Lissabon. Deze is vrij lang. Om 9.30 uur zijn we in de haven. En het is weer zonnig.

Omdat Gerard de nacht heeft doorgevaren, gaat hij even slapen. Betty gaat aan de slag met een bezem en waterslang om de boot van al het zout te ontdoen. Morgen krijgen we gasten en dan moet alles er spik en span uitzien. We blijven tot zaterdag in Lissabon en hebben dus lekker de tijd om hier wat rond te kijken.

Deel 3: Bienvenido en España

We hebben de foto’s gezien die op de website zijn gezet. De foto’s van Volendam heeft Martine gemaakt en wij hadden deze dus nog niet gezien. Leuk om te zien hoeveel mensen er de moeite hebben genomen om ons in Volendam te bezoeken. Wij vonden het super gezellig en willen iedereen nogmaals bedanken voor jullie aanwezigheid. We genieten steeds van de lekkernijen die we hebben gekregen en we hebben alles nog lang niet op.

Als we zaterdag 4 april de haven van Dieppe verlaten om 9.20 uur is het nog steeds grijs en somber weer. Er is weinig wind, dus de bewolking waait niet zomaar over. Het lijkt erop dat we een sombere tocht naar Le Havre zullen krijgen. Gelukkig breekt rond de middag ineens de zon door, zijn alle wolken weg en is de lucht helder blauw. Dit maakt het leven op zee een stuk aangenamer. We varen op de motor, want er is geen wind.

Bij het binnenvaren van de haven gaan we eerst de dieseltank volgooien, want er ligt een mooi nieuw tankstation. In Dieppe is het niet gelukt om aan diesel te komen, we hadden geen zin om kilometers te lopen met jerrycans. Het tankstation hier is zo nieuw, dat de stations nog ingepakt zijn in folie en nog niet werken. Het vaarseizoen is duidelijk nog niet begonnen.

We vinden een plaats aan de gastensteiger en gaan ons melden bij de havenmeester. Die is niet aanwezig, maar we krijgen de toegangscode van de steiger en van het toiletgebouw van een bereidwillige schipper die op de steiger bezig is. We kunnen geen havengeld betalen, want als we morgen vertrekken is de havenmeester er nog niet.
We drinken onze aankomstborrel en eten heerlijk asperges. Omdat het er om zal hangen of we genoeg diesel in de tank hebben om Cherbourg te halen morgen, gaan we toch met een jerrycan op zoek naar een tankstation. Naast de haven is er één, maar die wordt gerenoveerd en is gesloten.

We vragen aan 3 mensen die langs de weg op een bankje een biertje drinken, of zij een tankstation weten. Zij spreken geen Engels en wij slecht Frans. Maar ze maken ons duidelijk dat we 4 km moeten lopen naar een tankstation. Nou is een wandeling na een hele dag op de boot wel prettig en het is mooi weer, dus we gaan op pad. Na een kwartier lopen, worden we geroepen. Eén van de mannen aan wie wij de weg vroegen komt achter ons aan. Hij stelt zich voor als Patrick en hij zal ons de weg naar het tankstation wijzen. Hij spreekt geen woord Engels en vindt dat heel vervelend, want hij wil graag een praatje maken. In mijn beste schoolfrans hebben we wat lopen kletsen. Wel leuk, want je woordenschat komt langzaam weer boven als je gedwongen wordt om erover na te denken. Na ongeveer 3 kwartier lopen komen we bij een tankstation, waar we onze jerrycan vullen. We geven Patrick geld voor een biertje en willen afscheid van hem nemen. Maar dat is hij niet van plan, hij wil de jerrycan wel naar de boot dragen. Heel aardig, maar een zware klus. Hij draagt de jerrycan een stukje, dan neemt Gerard hem over en draagt hem een flink stuk, waarna Patrick hem weer overneemt. Zo dragen ze samen de diesel naar de haven. Betty maakt een foto van Gerard en Patrick en we beloven dat we deze foto naar hem zullen mailen.

Bij de haven wil Patrick wel graag een biertje drinken en de boot zien. We nemen hem dus nog maar mee naar de boot. Als hij aan boord is vliegt hij Gerard om de hals om hem te bedanken. Hij geniet van zijn biertje en is lyrisch over de boot. Hij had nog nooit een boot van binnen gezien. In zijn enthousiasme biedt hij aan dat wij naar Nederland mogen bellen met zijn telefoon. Daar maken we natuurlijk geen gebruik van. We vinden dat het tijd is dat hij weer gaat, want wij willen morgen om 7.00 uur vertrekken en moeten dus vroeg op. We drinken samen nog wat en praten na over deze bijzondere man. Hij heeft zich in het zweet gewerkt om ons te helpen en hij heeft er nog van genoten ook. Voor ons maakte deze ontmoeting onze dag tot een dag met een sterretje.

Vanavond hebben we voor het eerst de verwarming niet aan gehad op de boot. Daardoor is het wel heeeel koud als we naar bed gaan.

Bij het verlaten van Le Havre is het zwaar bewolkt. Maar het is nog vroeg, het kan dus nog opknappen. Om 11.00 uur varen we in potdichte mist. Gerard hoort een misthoorn en samen turen we of we iets zien. Regelmatig horen we de zware misthoorn. Ineens zien we een groot zeeschip langs varen op een mijl. Als hij voorbij is stopt hij met het geven van het mistsignaal. Hij zal ons op de radar hebben gezien. Voor ons een reden om de werking van onze radar te gaan bestuderen. Want het is prettig als we zelf in de gaten hebben wanneer er een schip in de buurt is bij mist. Om 13.30 uur wordt de lucht helder en schijnt ineens weer de zon. We hebben een rustige overtocht waarbij de motor noodzakelijk meedraait omdat er te weinig wind is om een beetje snelheid op de zeilen te halen. Een uur voordat we de haven van Cherbourg bereiken trekt het nog een keer helemaal dicht van de mist, maar na een kwartiertje is het weer helder en lopen de haven binnen met een vrolijk zonnetje.

Cherbourg ziet er vanaf het water leuk uit. Er is kermis in de stad. Cherbourg heeft een mooie haven met veel faciliteiten zoals veel watersportwinkels, wasserette, supermarkt en zeilmakerij. Hier is de havenmeester ook al naar huis, maar die zal maandag weer aanwezig zijn en wij willen een dag blijven liggen. We genieten van een drankje in de zon. Het begint op vakantie te lijken.

Maandagochtend is het weer stralend. We hangen ons beddengoed buiten in de zon. De kussens waar we op slapen blijken heel vochtig te zijn en ook die gaan op het dek in de zon. Alle ramen en luiken staan open en alles kan eens lekker luchten. Er is een goede gelegenheid om te wassen, dus daar maken we gebruik van en zetten 2 wasmachines aan en stoppen daarna de was in de droogtrommels. De buitenkant van de boot nemen we ook maar even onder handen, dan is alles weer lekker schoon en kunnen we er weer even tegen.

Als we in Cherbourg rondkijken zien we veel restaurants, maar weinig bedrijvigheid. Zelfs op de kermis is weinig te beleven. Er loopt slechts een handje vol mensen. De jongeren zien er hier allemaal gotic achtig uit, zwart gekleed, hanenkammen en overal piercings.

De Navtex geeft een storm waarschuwing af voor morgen, dus gaan we al onze bronnen na waar die storm precies zal zijn. Als het nodig is, zullen we hier nog een dag blijven. We zullen naar de Kanaaleilanden gaan en de waarschuwingen zijn steeds voor Zuid Engeland. Om bij Guernsey te komen zullen we de Alderney Race nemen. Hier staat een enorme stroming en met tegenwind kan dat hele rare golfslag geven. We wachten morgen even af, want we zullen toch pas tegen 12.00 uur vertrekken.
Dinsdagochtend doen we boodschappen in een super grote Franse supermarkt en gaan naar het internetcafé om de laatste weerberichten op te halen. De Navtex heeft de stormwaarschuwing inmiddels ingetrokken. Uit alle gegevens blijkt dat het verantwoord is om uit te varen.

Als we los gaan schijnt de zon en je krijgt het gewoon warm als je bezig bent met het opbergen van de fenders en de lijnen.

Er staat een dikke windkracht 5 bft en kunnen een flink stuk alleen op de zeilen afleggen. Totdat we van koers moeten veranderen, dan halen we de genua in en zetten de motor bij. Als we langs het eiland Alderney gaan, varen we in 1 uur wel 12 knopen (Alderney Race). We hebben een enorme stroom mee, natuurlijk de reden waarom we pas om 12.00 uur zijn vertrokken. De wind neemt af naar 4 bft en we hebben met de zon aan de hemel een prachtige tocht. Om 17.00 uur komen we aan in St. Petersport op het eiland Guernsey. In de havenkom leggen we aan een gastensteiger aan. Hier moet je wachten op de havenmeester die langskomt in zijn bootje. Je mag pas de haven binnenvaren als je betaald hebt en je krijgt een plaats toegewezen door de havenmeester. Het geld wat hier in omloop is zijn Guernsey £ en met euro’s kun je niet terecht. Gelukkig kunnen we het havengeld betalen met een creditcard. We krijgen een mooi plaatsje aan een steiger en kijken uit op een winkelstraat.

Guernsey is een typisch Engels eiland. St. Petersport ziet er heel leuk uit vanaf het water. We nuttigen ons gebruikelijke welkomstdrankje (ankerbiertje) aan dek in de zon. En we komen tot de conclusie dat we blij zijn dat we een goede keuze hebben gedaan door de overtocht te maken.

Als we een wandeling gaan maken valt ons op dat de auto’s op dit eiland aparte kenteken nummers hebben. Ze zijn begonnen met 1 en tellen gewoon door. We maken een foto van 2 leuke auto’s vanwege de kentekenplaten. De eigenaresse van één van de auto’s wil juist instappen als wij de foto maken en kijkt vragend naar ons: this is my car! We vertellen dat we de foto maken omdat we de nummerplaten zo leuk vinden. Zij legt uit dat mensen een nummerplaat toegewezen krijgen en daar ook in handelen. Een zo laag mogelijk nummer is geld waard. Zij zegt, als je dus een auto met een laag nummer ziet rijden weet je dat die persoon heel belangrijk is of heel rijk is. Leuk om te weten. Aardig van deze mevrouw dat zij het vertelde. Haar kentekenplaat heeft overigens geen laag nummer, maar ze heeft wel een leuke auto.

St. Petersport heeft een mooi centrum. Veel smalle straatjes die allemaal omhoog (en dus ook weer omlaag) lopen. Leuke winkeltjes. We kopen hier een webcam, want Gerard vindt het jammer dat wij die niet hebben. Het is leuk als we met Skype met de kinderen bellen, dat we hen dan kunnen zien. Zelfs Lloyd komt af en toe in beeld. Soms hebben we op de boot internet via een open internetverbinding. Dat is ook het geval in St. Petersport. Als we terug zijn op de boot bellen we met Steven en Martine en dan kunnen ze ons ook zien. Ook sturen we vast wat foto’s naar hen voor het weblog. Als het laagwater is maken we foto’s van de haveningang. Dit hebben we ook gedaan met hoogwater. Het verschil tussen hoog en laag water is hier 8 meter. Bij de haveningang ligt een dam, die ervoor zorgt dat het waterniveau in de haven minimaal 2,5 meter blijft. Vanaf de zeekant gezien kijk je bij laag water tegen een muur op die voor de haven ligt. Boten vallen droog als zij in ondiepe gedeeltes liggen. Het is pas mogelijk om de haven in en uit te varen als er voldoende water boven de dam (drempel) staat. Er een licht dat aangeeft wanneer er doorvaart mogelijk is.

Wij willen vannacht verder varen met laag water. Daarom moeten we voor 20.00 uur alvast uit de haven gaan verleggen naar de steiger in de havenkom. Daar vandaan kunnen we om 0.00 uur vertrekken via de vaargeul. De wind giert in de mast als we liggen te wachten om te vertrekken.

Om 0.10 uur is de boot los en gaan we de zee op. We hebben weer eens pal tegen wind en de boot gaat aardig tekeer, het is heel koud. En ja hoor, na een uurtje is Betty zeeziek. Gauw een pilletje innemen. Wat kan een mens zich ineens akelig voelen. Gerard kan het aan dek wel alleen af, hij zit vast aan de lifeline. We hebben windkracht 4 bft. Betty gaat naar bed. De volgende ochtend wisselen we de wacht en mag Gerard een paar uur slapen. De zeeziekte is aardig onder bedwang door de pillen. Van het zonnige weer van gisteren is niets meer over. Het blijft de hele dag bewolkt. De zon doet een paar pogingen om door te breken, maar verder als een poging komt het niet. Tegen 15.00 uur is de wind aangetrokken tot 6 à 7 bft. met flinke pieken. De golven zwellen aan tot 3-4 meter. We krijgen af en toe best wat water over. Onze pakken houden ons goed warm en droog. Wat zijn we blij met deze aanschaf.

Deze hele reis hebben we geen enkele andere boot gezien, ook niet op afstand.

Tegen 16.00 uur bereiken we L’Aber Wrac’h, de laatste haven voordat we de Golf van Biskaje oversteken. We leggen aan de gastensteiger aan, dit is een makkie omdat we naar de steiger drijven. We letten alleen niet goed op en onze zeekaart, met plattegrond van de haven, waait over boord en zinkt meteen. Nou ja, we zijn hier gekomen en de terugweg weten we wel te vinden met de plotter.

We melden ons op het havenkantoor. Hier staat een computer die we tot 17.30 uur mogen gebruiken om de weervooruitzichten op te zoeken. Heel belangrijk omdat de oversteek die we nu gaan maken, ongeveer 3 dagen en 2 nachten zal gaan duren. We komen tot de conclusie dat het ideale weersomstandigheden zijn om te gaan. Het plaatsje L’Aber Wrac’h stelt niet veel meer voor dan een zeilschool en een paar restaurantjes. Hier zijn we dus gauw uitgekeken. Gerard vult de dieseltank nog even helemaal en dan zijn we er klaar voor. Ik moet toegeven dat er wel een zekere spanning is.

Goede Vrijdagmorgen om 10.00 uur verlaten we L’Aber Wrac’h. Gisteren werden we door de wind tegen de steiger aan gedreven. Vannacht is de wind gedraaid en nu worden we van de steiger weggedrukt we kunnen we zo wegvaren. Is dat even mazzel!
We varen het stukje rivier af en worden uitgezwaaid door de kinderen van de zeilschool die al volop aan het zeilen zijn. Ze hebben dikke pret in hun bootjes en catamarans, ondanks de watertemperatuur van 10 graden. Het is zwaar bewolkt en de wind is NW 3bft.

Zodra we de zee opvaren breekt de lucht open en komt de zon aan de hemel staan. We moeten eerst een stuk naar het westen varen om een kaap heen voordat we om 13.00 uur echt koers kunnen zetten richting La Coruña. Het blijft de hele dag zonnig er is weinig wind. Door de diepe depressie die geweest is, is er een deining ontstaan met golven van 4 – 5 meter hoog. De boot wordt hierdoor opgetild en glijdt dan weer in een dal, waardoor je de horizon niet kunt zien. Een indrukwekkend schouwspel waarbij je ziet hoe machtig sterk het water is. De Alfa Dim kan dit allemaal goed aan. In de verte zien we enkele schepen varen.

Gerard heeft de nachtwacht weer terwijl Betty op de bank probeert te slapen. ’s Morgens draaien we dit weer om en gaat Gerard een poosje slapen. We bakken stokbroodjes voor het eten. We genieten de hele dag van de rust en het schouwspel van de golven en hebben de hele dag de tijd om onze zonden en veel meer te overdenken. Het weer blijft mooi en er is nog steeds weinig wind. ’s Middags gaat Gerard nog een paar uur slapen, dan is hij weer fit genoeg voor de komende nacht. We eten de chili con carne die we alleen even moeten opwarmen. Tegen de avond pakken er dikke wolken boven ons samen. Bij zonsondergang is het aarde donker op zee en kunnen we geen hand voor ogen zien. We varen onder een dikke wolkenlaag waar geen maan en ster doorheen komt. Gerard houdt de hondenwacht (van 0.00 tot 4.00 uur) en de dagwacht (van 4.00 tot 8.00 uur), terwijl Betty slaapt. Om 7.00 uur maakt de motor ineens een raar geluid en begint de boot en de motor heftig te trillen en te schudden. We weten niet waar het vandaan komt. Bij terugnemen van het gas houdt het trillen op. Hierdoor gaat Gerard niet slapen. We varen op de genua en de motor zachtjes bij. Het weer is opgeknapt en we hebben weer veel zon, maar weinig tot geen wind.

Op eerste Paasdag om 14.30 uur komen we aan in de haven van La Coruña. We zijn de Golf van Biskaje overgestoken op de motor met weinig wind.

Gerard neemt telefonisch contact op met de wereldwijde service van Volvo Penta. Hij legt uit wat er aan de hand is en degene die de telefoon beantwoord geeft direct aan dat het probleem opgelost gaat worden. Alleen is hij er niet zeker van of hij op Eerste Paasdag een monteur te pakken kan krijgen. Er wordt afgesproken dat we morgen eerst een duiker laten kijken of er iets mis is met de schroef en dan zullen we, als het nodig is, weer contact opnemen met Volvo Penta. Omdat Gerard er niet gerust op is, besluiten we dat hij even een stukje gaat varen om te kijken of het probleem door het achteruit varen opgelost is. Hij vaart de box uit en maakt een rondje. Bij terugkeer in de box blijkt dat er niets meer aan de hand is. Waarschijnlijk heeft er een stuk plastic o.i.d. in de schroef gezeten. We zijn opgelucht dat er niets aan de hand is. Bovendien zijn we heel tevreden over de reactie van Volvo Penta. Als je in de problemen komt, kun je hun hulp verwachten.

We blijven een dag liggen in de haven van La Coruña en hebben alle tijd om in de stad rond te kijken, wat zeker de moeite waard is.

Deel 2: naar Dieppe (Frankrijk)

Vorig jaar heeft Ome Wout beloofd dat hij ons uit zou komen zwaaien en hij heeft woord gehouden. Tante Enje en hij staan ons op de kade uit te zwaaien als de Alfa Dim de laatste haven in Nederland, Scheveningen verlaat. Het is dan 8.00 uur. Het is zonnig weer. Er is weinig wind, maar wel uit de verkeerde hoek, dus we varen op de motor naar Zeebrugge.

Na Zeebrugge zetten we koers naar Boulogne in Frankrijk. Als we om 7 uur vertrekken is het erg koud, hoewel de zon al opkomt. Vanwege een verboden gebied, moeten we verder de zee op. We zetten de zeilen op. ’s Morgens beginnen we met windkracht 4 bft, in de buurt van Cape Gris Nez trekt deze aan tot 5 à 6 bft. Aan het eind van de middag hebben we een dikke windkracht 6 bft met uitschieters naar 7. Bij Boulogne moeten we eerst om een ondiepte heen voordat we de haven in kunnen varen. Een paar mijl voor we bij de haveningang van Boulogne zijn, zien we een reddingsboot uitvaren. Deze vaart wat heen en weer en gaat weer terug als hij ziet dat we goed binnen kunnen komen. Met hoge golven van opzij varen we naar binnen. De hoge golven van opzij en gaven verschillende malen een koude douche van 8 graden over ons heen. Wel mooi dat de haveningang in de gaten wordt gehouden als er schepen binnenkomen. Bij het binnenlopen van de haven kwam de havenmeester een lijntje aanpakken om de boot vast te leggen. Wat een gastvrijheid in Frankrijk, geweldig!
De haven van Boulogne staat in de vaarwijzer niet positief beschreven. Het zou er stinken i.v.m. een open riool: Eau de Boulogne. Onze ervaring is echter dat we in een prima jachthaven terecht zijn gekomen, met mooie nieuwe steigers en goede voorzieningen. De waterhoogte verschilt 6 meter bij hoog en laag water.

Voordat we onze reis naar Dieppe voortzetten, gaan we eerst een overheerlijk frans stokbrood halen voor het ontbijt. Uiteindelijk zijn we in Frankrijk en daar eet je toch de allerlekkerste stokbroden. Het lijkt wel taart.

We vertrekken weer met zonnig weer en het lijkt alsof het iets minder koud is als voorgaande dagen. We hebben voor het eerst geen handschoenen aan. Er is weinig wind. Met het grootzeil op en de motor erbij komen we in Dieppe. Het zicht is zo slecht dat we 1,5 mijl voor de haveningang pas land in zicht hebben. Hier heeft de zee een heel andere kleur als in Nederland. Veel lichter en helderder en blauw/groen. Bovendien is de watertemperatuur hier 10,5 graden. Toen we vorige week op het IJsselmeer voeren was de watertemperatuur 6,7 graden. Als we in de haven diesel willen tanken blijkt de tank van het tankstation leeg te zijn. Dit gaan we morgen dan maar oplossen. In de haven van Dieppe liggen we heen en weer te slingeren aan de steiger. Als je gevoelig bent om zeeziek te worden, dan is dit de gelegenheid. Gelukkig hebben wij er geen last van. Dieppe is een leuke Franse stad met veel winkels en een internet café waar we morgen gebruik van gaan maken.

Vrijdag is een rustdag die we willen gebruiken om wat op te ruimen en kleine klusjes te doen aan de boot. Ik heb vaak gelezen dat vertrekkers regelmatig moeten klussen aan de boot en het blijkt waar te zijn. Geen grote dingen gelukkig, maar kleine klusjes die noodzakelijk zijn. Bijvoorbeeld de dieseltank meter die het maar af en toe doet. Nu is dat verholpen en doet hij het weer.

We zijn nu, vrijdag 3 april, een week onderweg en liggen mooi op schema.

Griekenland deel 1: het vertrek uit Nederland

30 maart 2009

Na vele malen van Almere naar Lemmer te zijn gereden met spullen die we mee willen nemen op de boot, is het eindelijk zover. Vrijdag 27 maart begint de reis. Als alle spullen een plaatsje hebben gevonden, vertrekken we samen met Steven om 14.00 uur uit Lemmer.

Het weer ziet er niet aantrekkelijk uit. Het regent af en toe, het waait flink (6 bft) en het is 7 graden, dus heel koud. We varen naar Enkhuizen op de motor. Pal tegen de wind in. Er komt veel water over. Ons avontuur lijkt een barre tocht te worden. In de haven van Enkhuizen is het erg rustig. Wie gaat er met dit weer ook zeilen?!

Zaterdag ochtend worden we wakker en het regent. De wind is iets afgenomen. We vertrekken op tijd naar Volendam, waar we mooi op tijd zijn om de boot op te ruimen voor het bezoek wat we verwachten. Als eerste komt moeder Samsom met Dick en Cathy aan. Moeder wil graag de boot zien. Hoewel het lastig voor haar is om aan boord te komen, is zij stellig van plan om de boot ook van binnen te bekijken. Het is haar gelukt om beneden deks te komen, geweldig.

Voor ons was het een grote verrassing hoeveel vrienden en familie afscheid van ons zijn komen nemen. Het was erg gezellig om met deze 60 mensen een drankje te drinken om onze reis in te luiden. Iedereen kwam met pakketjes aan met ‘hollandse’ dingen als pindakaas, kaas, stroopwafels, drankjes, spelletjes enz. enz. Onze voorraad groeide enorm. We zullen nog vaak aan deze middag terugdenken als we van de lekkernijen genieten. Martine had gezegd dat zij het hele weekend moest werken en daardoor niet in Volendam kon komen. Des te groter was de verrassing dat zij toch binnen kwam lopen bij Café de Boer, samen met Lloyd. Dit maakte de dag nog completer.

Toen iedereen naar huis ging, hebben we nog lang zitten nagenieten van deze geweldige middag.

Zondag Maken we de tocht van Volendam naar IJmuiden. We kunnen een stukje zeilen. Lekker windje en een heerlijk zonnetje. In IJmuiden komen Ome Wout en Tante Enje aan boord. Zij varen mee tot Scheveningen. Verder krijgen we ook hier een aantal vrienden op de boot die afscheid komen nemen.

Maandagochtend worden we wakker met een helder blauwe lucht en een lekker zonnetje.Vandaag gaan we de zee op. De wind komt uit de verkeerde richting, dus we gaan weer op de motor. Ome Wout en Tante Enje genieten net als wij.

Bij aankomst in Scheveningen krijgen we de laatste gasten aan boord voor een afscheidsdrankje. Morgenochtend gaan we samen verder op zee. Steven, Ome Wout en Tante Enje gaan naar huis.