Omdat we vaak gehoord hebben dat Zakinthos zo´n mooi eiland is, zijn we er klaar voor om het te verkennen. Zaterdag kiezen we ervoor om 3 quads te huren. Martine mag quad rijden omdat zij vorige maand haar rijbewijs heeft gehaald. We gaan naar het noorden van het eiland, waar we de blauwe grotten willen bezoeken. De tocht gaat door de bergen met soms hobbelige- en of steile wegen. Rijden op zo´n quad is vermoeiend, je moet het stuur goed vasthouden. Het is erg leuk om een keer te doen. We kopen een ticket voor de boot om naar de grotten te gaan. We zijn de enige passagiers en hebben een grote rondvaartboot tot onze beschikking. De schipper zet er flink de vaart in en we genieten van een ruig tochtje. Bij de beroemde grotten vaart de boot zo ver mogelijk naar binnen waarbij de zijkanten van de ijzeren boot regelmatig tegen de kanten schuren. Het is prachtig om hier te varen, rond te kijken en foto´s te maken.

De excursie duurt een klein uur. Dan gaan we verder op de quads en komen in een dorpje dat bekend is door de verkoop van huisvlijt. We stoppen bij een huisje waar allerhande kleden buiten hangen. Al gauw komt een oud vrouwtje aangelopen die ons graag haar handeltje wil laten zien. We worden haar huis binnengeleid. Hier hangen de mooiste handgemaakte kleden en kleedjes. We zijn onder de indruk en kopen wat kleedjes. Als we hebben afgerekend, moeten we nog even gaan zitten en krijgen alle drie een ijsje aangeboden. Als het ijs op is en we foto´s hebben gemaakt, worden we uitgezwaaid door het vrouwtje. Het was zo leuk!

Zondagochtend maken we een tochtje met de quads naar de andere kant van het eiland en ´s middags leveren we de machines weer in. We hebben het gevoel dat we veel gezien hebben van Zakinthos. Zondagmiddag wakkert de wind flink aan tot 6 bft. zoals voorspelt. De kade ligt inmiddels aardig vol met boten die beschutting zoeken.
Als we maandag wakker worden is de wind een stuk minder. De meeste schepen blijven nog een dag in de haven omdat na harde wind de deining nog blijft. Wij gaan verder. We wilden eigenlijk naar Kioni, maar daar kunnen we niet beschut liggen als de wind zoals voorspelt weer aantrekt. Daarom besluiten we naar Sivota te gaan, waar je bijna altijd goed ligt. De golven en de deining vallen reuze mee. Als we op zee zijn speuren we over het water of we dieren zien. Zakinthos is bekend door de schildpadden, er is een stuk strand uitgeroepen tot natuurgebied. Hier kunnen schildpadden eieren leggen. We zien een grote schildpad met een kastje met antenne op z´n schild. Een raar gezicht. Het lijkt wel een schildpad die op afstand bestuurbaar is.
Om 17.30 uur varen we de baai van Sivota in. Het is er erg druk. We kunnen voor anker, maar we kiezen voor de enige plek die nog over is aan de steiger. We betalen € 30,- voor deze plaats, wat voor Griekenland erg veel havengeld is. Maar we hebben electra en water tot onze beschikking. De steiger raakt vol en de eigenaar haalt steeds meer mensen over om aan de steiger te komen leggen. Er worden zo veel schepen tussen geperst, dat er schade dreigt te ontstaan. Daar hebben wij geen zin in! We vragen ons liggeld terug en vertrekken van de steiger. Als we los zijn overleggen we wat we gaan doen, voor anker gaan of maar vast naar Nidri varen, wat voor morgen op het programma staat.
Martine belt naar Nidri of er plek is voor ons. Er is al een plaats voor ons gereserveerd, dus we zetten koers naar Nidri, waar we rond 20.30 uur aankomen.We blijven hier een paar dagen liggen. De steiger ligt bij Hotel Iris, waar we gebruik kunnen maken van een heerlijk zwembad en een prachtig terras. Op het terras is een draadloze internetverbinding. Veel mensen zitten daar met hun laptop en een drankje. Kortom, wij vinden dit een geweldige locatie, waar we ons prima kunnen vermaken en waar we volop genieten. Het lijkt wel vakantie! We wassen onze kleding en maken de boot schoon. Verder checken we alles aan de boot omdat we vrijdag beginnen aan de terugreis. Martine klimt (en Gerard hijst haar) de mast in om daar te kijken of alle aansluitingen nog goed zijn.
Dan komt vrijdag het afscheid. Martine blijft nog een week in Nidri en vliegt 25 juli terug naar huis. Wij gaan samen weer verder. Na nog een laatste blik op de weersvoorspellingen en een laatste duik in het zwembad, halen we om 11.30 uur het anker op.
We worden uitgezwaaid door Martine en Erik, die ons erg gastvrij ontvangen heeft.
Het valt ons beiden zwaar om afscheid te nemen van Martine en om Griekenland achter ons te laten. Griekenland was het einddoel van onze reis en het voelt nu een beetje of onze vakantie over is. We voelen ons er beiden niet zo lekker bij.

Het is natuurlijk onzin dat de vakantie over is. We hebben nog een prachtige reis voor de boeg en Sander is bezig om een ticket te krijgen naar Sicilië. Op het moment van vertrek weten we niet of dat gelukt is. De oversteek van Nidri naar Sicilië zal ongeveer 44 uur duren. In die tijd zijn we onbereikbaar. We horen dus zondagochtend pas of Sander komt.
Vrijdag hebben we weinig wind, maar er zijn wel hoge golven. Zaterdagochtend komt er iets meer wind en golven tot 4 meter hoog, vanaf 15.00 uur kunnen we eindelijk zeilen. Na een uur trekt de wind aan tot 5 bft. We hebben er flink de gang in. Betty gaat ondanks dat we al lang varen en ingeslingerd moeten zijn, toch weer voor de bijl en moet een pilletje innemen.
Om 20.00 uur moeten we zeilkleding aandoen. Grote golven slaan over het dek. Het is inmiddels 6 bft geworden. Van 24.00 uur tot 1.30 uur is de windkracht op z´n hoogtepunt met 7 bft. De boot gaat tekeer. Beneden deks is het slecht verblijven. Je kunt nauwelijks lopen, want je wordt naar alle kanten gekwakt. Gelukkig wordt het na 1.30 uur wat rustiger.
Om 4.00 uur bereiken we de baai van Siracusa. Omdat het donker is, is het even zoeken, maar we vinden een plek om ons anker te laten vallen. We zien morgen wel hoe we liggen. Vanwege de onrustige zee hebben we alleen op koekjes en water geleefd, daarom eten we wat van de gehaktballetjes, die klaarstonden voor het avondeten. Het enige waar we nu nog behoefte aan hebben is slapen.
Zondagochtend zien we dat we op een mooie plaats zijn aangekomen. We liggen goed voor anker en hebben een prachtig uitzicht over Siracusa. We sturen sms-jes naar Nederland met de mededeling dat we veilig op Sicilië zijn aangekomen. We zijn blij als we horen dat het Sander gelukt is om een ticket te krijgen en dat hij maandagmiddag aankomt op Sicilië.
Zondag blijven we op de boot. We spoelen het zout weg van het dek en maken de hut voor Sander gereed. Maandagochtend gaan we met het rubberbootje naar de kant om wat rond te kijken en om brood te kopen. ´s Middags hebben we regelmatig contact met Sander die onderweg is. Om 15.20 uur landt het vliegtuig. Sander komt met de bus naar Siracusa, waar Gerard hem van het busstation haalt. Om 17.45 uur kunnen we elkaar in de armen sluiten.


Dinsdag gaan we met elkaar Siracusa verkennen. Er is veel te zien, de stad heeft veel historie. Siracusa is bekend van de papyrusplanten. Alleen in Siracusa en in Egypte groeien deze planten. Het papier wat van deze plant gemaakt wordt lijkt op perkament. Er worden leuke dingen van gemaakt. Archimedes was vroeger inwoner van Siracusa. In de Romeinse tijd was Siracusa een belangrijkere stad dan Athene. Romeinse keizers maakten met hun schepen gebruik van de baai. Woensdagochtend om 6.15 uur verlaten we de baai van Siracusa en gaan op weg naar Malta. De eerste tocht die Sander meemaakt op de boot.
De overtocht is rustig omdat er weinig wind is. Op afstand zien we dolfijnen zwemmen. Ze hebben geen belangstelling voor ons. Ook zien we wat schildpadden dobberen.

Om 18.00 uur naderen we Valetta op Malta. We melden ons via de marifoon. We moeten wachten tot we toestemming krijgen om de haven binnen te varen. Voor die tijd willen ze al onze gegevens hebben. Naam van de boot, waar we vandaan komen, waar we naartoe gaan, welke nationaliteit wij hebben en wat de nationaliteit van de boot is. Uiteindelijk krijgen we toestemming om de haven in te gaan. We vinden een gastenplaats aan de steiger. Op de boten om ons heen leven vriendelijke mensen die ons graag van allerlei informatie willen voorzien.
We bezoeken het oude deel van de stad. We gaan er met de bus naartoe. Op het busstation kijken we onze ogen uit naar alle oude bussen die daar staan. Het lijkt wel een busmuseum, maar alle bussen zijn gewoon in gebruik.

Er zijn veel oude gebouwen te zien in verschillende bouwstijlen. De geschiedenis van Malta leert ons dat er veel verschillende bezetters geweest zijn, waardoor je allerlei culturen terugvindt. Johannes de Doper schijnt hier onthoofd te zijn. Er is nu een grote kerk naar hem vernoemd met een beroemd schilderij van Michelangelo over deze gebeurtenis.
Naast alle oudheden wordt er hard gewerkt aan moderne hoge gebouwen. Malta is op weg om een modern land te worden waar veel geinvesteerd wordt. Het is erg warm op Malta. De thermometer geeft soms 42 graden aan. Op het havenkantoor krijgen we bij de windvoorspelling ook een overzicht van temperatuursvoorspelling: 41 graden, UV index (10) en heat stress index (42 graden).
Hoewel we nog lang niet uitgekeken zijn op Malta, gaan we vrijdag 24 juli weer verder. We maken een lange oversteek naar de zuid-west punt van Sicilië.
We hebben een rustige tocht. Er is veel scheepvaart. Als het donker is, maken we gebruik van de radar. Hierop zijn schepen op grote afstand al te zien. Op een gegeven moment ziet Gerard iets op de radar wat al dicht bij onze boot is, maar hij ziet helemaal geen schip. En toch moet die er wel zijn. Ineens ziet hij tonnen van tonijnnetten voor de boot opdoemen. Gelukkig kan hij nog om de netten heen varen. Twee tonnen zijn voorzien van een radar reflector maar hebben geen verlichting. Je moet er niet aan denken dat je de netten in de schroef krijgt.
Om 6.00 uur gaat Gerard slapen en neemt Betty de wacht over. Het is heerlijk om de zon te zien opkomen en te genieten van de heerlijke temperatuur. Het is vandaag extra leuk als er om 7.00 uur een grote groep dolfijnen langs onze route zwemt. Betty maakt Sander wakker.
We varen naar de dolfijnen toe. De groep bestaat uit zeker 20 dolfijnen waaronder een paar jongen. Sander gaat op de punt van de boot zitten en geniet met volle teugen. Dit is de eerste keer dat hij dolfijnen in het wild ziet. Hij krijgt een cadeautje, want zo´n grote groep dolfijnen zie je niet vaak.
Om 11.15 uur komen we aan in Mazara del Vallo. We krijgen een goede plaats aan een steiger. Mazara del Vallo is een vissersplaats waar weinig toerisme is. Als we ´s middags door het centrum lopen zijn alle winkels dicht. ´s Avonds zijn de winkels weer open. Voor elke winkeldeur staat personeel buiten, hierdoor is het vervelend om de winkels binnen te gaan. Als we terug komen bij de boot is de wind die er waait nog steeds erg warm (de Sirocco wind (woestijnwind uit het zuiden). Het is de warmste dag die we tijdens onze reis hebben.
Als we zondag ´s morgens om 6.00 uur opstaan om aan de overtocht naar Sardinië te beginnen, vinden we Sander slapend op het dek. Hij is de hele nacht in de weer geweest om muggen uit zijn hut te verdrijven. Uiteindelijk is hij maar op het dek gaan slapen, daar had hij, door de wind, geen last van muggen.
Sander treft een route met lange tochten. De overtocht van Sicilië naar Sardinië duurt ongeveer 33 uur. Het is een rustige tocht met weinig wind. We varen op de motor en af en toe zetten we een zeil bij waar het kan. Als we in het zicht van de haven komen trekt de wind even aan. We zijn er inmiddels aan gewend dat het gaat waaien als we aan moeten leggen.
Er is ruimte genoeg aan de steiger. Alle voorzieningen zijn aanwezig. Als de boot vastligt, bellen we gauw naar Nederland, want Betty´s moeder is jarig.
Carloforte op St. Pietro (een klein eilandje direct naast Sardinie) is een leuke plaats met leuke winkeltjes en een gezellig plein, waar een groot deel van de plaatselijke bevolking zich ophoudt. Als we ´s morgens in de rij staan bij het kleine plaatselijke bakkerswinkeltje is er veel vrolijkheid, waar wij ook in betrokken worden, echt gezellig.

Sander koopt hier een leuk souvenir. We verblijven in een mooie haven met goede voorzieningen. Er is een mooi toiletgebouw waar we een heerlijke douche kunnen nemen. Je moet wel een flinke wandeling maken voordat je bij het gebouw bent. Als Betty ´s morgens met toilettas en handdoek op pad gaat, komt de havenmeester langs in zijn rubberboot en biedt haar een lift aan. Het bootje schiet in snelle vaart over het water naar het toiletgebouw. Wat een service! Op de terugweg moet ze lopen. Jammer, anders waren haar haren gelijk gedroogd in de wind. Je kunt niet alles hebben.
Hoewel het plan is om in Carloforte een extra dag te blijven, moeten we dit plan bijstellen als we de weersvoorspellingen zien. De tocht staan naar Mallorca gaat ongeveer 44 uur duren. Als we een extra dag in Carloforte blijven en vrijdag in Mallorca aankomen, hebben we vanaf donderdagmiddag hoge golven van 2-3 meter waardoor we een onrustige avond en nacht zullen hebben. Als we dinsdag vertrekken, zijn we voor de hoge golven in Palma de Mallorca. Dinsdag verlaten we om 16.00 uur de haven. Er is weinig wind, wel een vervelende deining, waardoor we een onrustige nacht hebben. Door de deining lig je heen en weer te rollen in je bed. In de loop van de woensdagochtend is de deining weg en varen we rustig. We zien dolfijnen op afstand en het is echt schildpadden weer, want we zien er heel veel.
Sander en Betty spelen af en toe een spelletje Yatzee. ’s Avonds kookt Sander eten. Als we aan tafel zitten kunnen we genieten van de ondergaande zon en een heerlijke maaltijd op zee. Als dit geen vakantie is? Er volgt een rustige nacht.
Om 6.00 uur begint de wind aan te trekken. Om 7.30 uur staat er een windkracht 6-7 bft. We varen intussen al in de luwte van Mallorca. De golven slaan over het dek en een zeiljack is weer hard nodig. Om 10.00 uur varen we de haven van Palma de Mallorca binnen. Er zijn verschillende havens naast elkaar. De eerste haven die we proberen zegt dat ze fully-booked zijn. Bij de tweede haven hebben we geluk en krijgen een mooie plaats.
Palma is een grote stad waar veel te zien en te beleven is. We nemen er een paar dagen voor. Sander zal zaterdagmiddag het vliegtuig naar Nederland pakken en zondagavond vertrekt Steven uit Nederland en zal naar Palma vliegen.
´s Middags op de dag van aankomst, horen we dat er een bom is gegooid op een politiepost, 5 km van Palma. Bij deze terroristische aanslag zijn 2 politie officieren van de Guardia Civil gedood. Er is veel politie op de been in Palma. Overal horen we sirenes. De havenmeester komt melden dat er geen boten meer mogen uitvaren en dat de luchthaven voorlopig gesloten is. Als je toch met de boot vertrekt, zal hiervan melding gedaan worden bij de politie.
Ach, het is nog lang geen maandag. We zullen wel zien hoe het loopt.
