Deel 3: Bienvenido en España

We hebben de foto’s gezien die op de website zijn gezet. De foto’s van Volendam heeft Martine gemaakt en wij hadden deze dus nog niet gezien. Leuk om te zien hoeveel mensen er de moeite hebben genomen om ons in Volendam te bezoeken. Wij vonden het super gezellig en willen iedereen nogmaals bedanken voor jullie aanwezigheid. We genieten steeds van de lekkernijen die we hebben gekregen en we hebben alles nog lang niet op.

Als we zaterdag 4 april de haven van Dieppe verlaten om 9.20 uur is het nog steeds grijs en somber weer. Er is weinig wind, dus de bewolking waait niet zomaar over. Het lijkt erop dat we een sombere tocht naar Le Havre zullen krijgen. Gelukkig breekt rond de middag ineens de zon door, zijn alle wolken weg en is de lucht helder blauw. Dit maakt het leven op zee een stuk aangenamer. We varen op de motor, want er is geen wind.

Bij het binnenvaren van de haven gaan we eerst de dieseltank volgooien, want er ligt een mooi nieuw tankstation. In Dieppe is het niet gelukt om aan diesel te komen, we hadden geen zin om kilometers te lopen met jerrycans. Het tankstation hier is zo nieuw, dat de stations nog ingepakt zijn in folie en nog niet werken. Het vaarseizoen is duidelijk nog niet begonnen.

We vinden een plaats aan de gastensteiger en gaan ons melden bij de havenmeester. Die is niet aanwezig, maar we krijgen de toegangscode van de steiger en van het toiletgebouw van een bereidwillige schipper die op de steiger bezig is. We kunnen geen havengeld betalen, want als we morgen vertrekken is de havenmeester er nog niet.
We drinken onze aankomstborrel en eten heerlijk asperges. Omdat het er om zal hangen of we genoeg diesel in de tank hebben om Cherbourg te halen morgen, gaan we toch met een jerrycan op zoek naar een tankstation. Naast de haven is er één, maar die wordt gerenoveerd en is gesloten.

We vragen aan 3 mensen die langs de weg op een bankje een biertje drinken, of zij een tankstation weten. Zij spreken geen Engels en wij slecht Frans. Maar ze maken ons duidelijk dat we 4 km moeten lopen naar een tankstation. Nou is een wandeling na een hele dag op de boot wel prettig en het is mooi weer, dus we gaan op pad. Na een kwartier lopen, worden we geroepen. Eén van de mannen aan wie wij de weg vroegen komt achter ons aan. Hij stelt zich voor als Patrick en hij zal ons de weg naar het tankstation wijzen. Hij spreekt geen woord Engels en vindt dat heel vervelend, want hij wil graag een praatje maken. In mijn beste schoolfrans hebben we wat lopen kletsen. Wel leuk, want je woordenschat komt langzaam weer boven als je gedwongen wordt om erover na te denken. Na ongeveer 3 kwartier lopen komen we bij een tankstation, waar we onze jerrycan vullen. We geven Patrick geld voor een biertje en willen afscheid van hem nemen. Maar dat is hij niet van plan, hij wil de jerrycan wel naar de boot dragen. Heel aardig, maar een zware klus. Hij draagt de jerrycan een stukje, dan neemt Gerard hem over en draagt hem een flink stuk, waarna Patrick hem weer overneemt. Zo dragen ze samen de diesel naar de haven. Betty maakt een foto van Gerard en Patrick en we beloven dat we deze foto naar hem zullen mailen.

Bij de haven wil Patrick wel graag een biertje drinken en de boot zien. We nemen hem dus nog maar mee naar de boot. Als hij aan boord is vliegt hij Gerard om de hals om hem te bedanken. Hij geniet van zijn biertje en is lyrisch over de boot. Hij had nog nooit een boot van binnen gezien. In zijn enthousiasme biedt hij aan dat wij naar Nederland mogen bellen met zijn telefoon. Daar maken we natuurlijk geen gebruik van. We vinden dat het tijd is dat hij weer gaat, want wij willen morgen om 7.00 uur vertrekken en moeten dus vroeg op. We drinken samen nog wat en praten na over deze bijzondere man. Hij heeft zich in het zweet gewerkt om ons te helpen en hij heeft er nog van genoten ook. Voor ons maakte deze ontmoeting onze dag tot een dag met een sterretje.

Vanavond hebben we voor het eerst de verwarming niet aan gehad op de boot. Daardoor is het wel heeeel koud als we naar bed gaan.

Bij het verlaten van Le Havre is het zwaar bewolkt. Maar het is nog vroeg, het kan dus nog opknappen. Om 11.00 uur varen we in potdichte mist. Gerard hoort een misthoorn en samen turen we of we iets zien. Regelmatig horen we de zware misthoorn. Ineens zien we een groot zeeschip langs varen op een mijl. Als hij voorbij is stopt hij met het geven van het mistsignaal. Hij zal ons op de radar hebben gezien. Voor ons een reden om de werking van onze radar te gaan bestuderen. Want het is prettig als we zelf in de gaten hebben wanneer er een schip in de buurt is bij mist. Om 13.30 uur wordt de lucht helder en schijnt ineens weer de zon. We hebben een rustige overtocht waarbij de motor noodzakelijk meedraait omdat er te weinig wind is om een beetje snelheid op de zeilen te halen. Een uur voordat we de haven van Cherbourg bereiken trekt het nog een keer helemaal dicht van de mist, maar na een kwartiertje is het weer helder en lopen de haven binnen met een vrolijk zonnetje.

Cherbourg ziet er vanaf het water leuk uit. Er is kermis in de stad. Cherbourg heeft een mooie haven met veel faciliteiten zoals veel watersportwinkels, wasserette, supermarkt en zeilmakerij. Hier is de havenmeester ook al naar huis, maar die zal maandag weer aanwezig zijn en wij willen een dag blijven liggen. We genieten van een drankje in de zon. Het begint op vakantie te lijken.

Maandagochtend is het weer stralend. We hangen ons beddengoed buiten in de zon. De kussens waar we op slapen blijken heel vochtig te zijn en ook die gaan op het dek in de zon. Alle ramen en luiken staan open en alles kan eens lekker luchten. Er is een goede gelegenheid om te wassen, dus daar maken we gebruik van en zetten 2 wasmachines aan en stoppen daarna de was in de droogtrommels. De buitenkant van de boot nemen we ook maar even onder handen, dan is alles weer lekker schoon en kunnen we er weer even tegen.

Als we in Cherbourg rondkijken zien we veel restaurants, maar weinig bedrijvigheid. Zelfs op de kermis is weinig te beleven. Er loopt slechts een handje vol mensen. De jongeren zien er hier allemaal gotic achtig uit, zwart gekleed, hanenkammen en overal piercings.

De Navtex geeft een storm waarschuwing af voor morgen, dus gaan we al onze bronnen na waar die storm precies zal zijn. Als het nodig is, zullen we hier nog een dag blijven. We zullen naar de Kanaaleilanden gaan en de waarschuwingen zijn steeds voor Zuid Engeland. Om bij Guernsey te komen zullen we de Alderney Race nemen. Hier staat een enorme stroming en met tegenwind kan dat hele rare golfslag geven. We wachten morgen even af, want we zullen toch pas tegen 12.00 uur vertrekken.
Dinsdagochtend doen we boodschappen in een super grote Franse supermarkt en gaan naar het internetcafé om de laatste weerberichten op te halen. De Navtex heeft de stormwaarschuwing inmiddels ingetrokken. Uit alle gegevens blijkt dat het verantwoord is om uit te varen.

Als we los gaan schijnt de zon en je krijgt het gewoon warm als je bezig bent met het opbergen van de fenders en de lijnen.

Er staat een dikke windkracht 5 bft en kunnen een flink stuk alleen op de zeilen afleggen. Totdat we van koers moeten veranderen, dan halen we de genua in en zetten de motor bij. Als we langs het eiland Alderney gaan, varen we in 1 uur wel 12 knopen (Alderney Race). We hebben een enorme stroom mee, natuurlijk de reden waarom we pas om 12.00 uur zijn vertrokken. De wind neemt af naar 4 bft en we hebben met de zon aan de hemel een prachtige tocht. Om 17.00 uur komen we aan in St. Petersport op het eiland Guernsey. In de havenkom leggen we aan een gastensteiger aan. Hier moet je wachten op de havenmeester die langskomt in zijn bootje. Je mag pas de haven binnenvaren als je betaald hebt en je krijgt een plaats toegewezen door de havenmeester. Het geld wat hier in omloop is zijn Guernsey £ en met euro’s kun je niet terecht. Gelukkig kunnen we het havengeld betalen met een creditcard. We krijgen een mooi plaatsje aan een steiger en kijken uit op een winkelstraat.

Guernsey is een typisch Engels eiland. St. Petersport ziet er heel leuk uit vanaf het water. We nuttigen ons gebruikelijke welkomstdrankje (ankerbiertje) aan dek in de zon. En we komen tot de conclusie dat we blij zijn dat we een goede keuze hebben gedaan door de overtocht te maken.

Als we een wandeling gaan maken valt ons op dat de auto’s op dit eiland aparte kenteken nummers hebben. Ze zijn begonnen met 1 en tellen gewoon door. We maken een foto van 2 leuke auto’s vanwege de kentekenplaten. De eigenaresse van één van de auto’s wil juist instappen als wij de foto maken en kijkt vragend naar ons: this is my car! We vertellen dat we de foto maken omdat we de nummerplaten zo leuk vinden. Zij legt uit dat mensen een nummerplaat toegewezen krijgen en daar ook in handelen. Een zo laag mogelijk nummer is geld waard. Zij zegt, als je dus een auto met een laag nummer ziet rijden weet je dat die persoon heel belangrijk is of heel rijk is. Leuk om te weten. Aardig van deze mevrouw dat zij het vertelde. Haar kentekenplaat heeft overigens geen laag nummer, maar ze heeft wel een leuke auto.

St. Petersport heeft een mooi centrum. Veel smalle straatjes die allemaal omhoog (en dus ook weer omlaag) lopen. Leuke winkeltjes. We kopen hier een webcam, want Gerard vindt het jammer dat wij die niet hebben. Het is leuk als we met Skype met de kinderen bellen, dat we hen dan kunnen zien. Zelfs Lloyd komt af en toe in beeld. Soms hebben we op de boot internet via een open internetverbinding. Dat is ook het geval in St. Petersport. Als we terug zijn op de boot bellen we met Steven en Martine en dan kunnen ze ons ook zien. Ook sturen we vast wat foto’s naar hen voor het weblog. Als het laagwater is maken we foto’s van de haveningang. Dit hebben we ook gedaan met hoogwater. Het verschil tussen hoog en laag water is hier 8 meter. Bij de haveningang ligt een dam, die ervoor zorgt dat het waterniveau in de haven minimaal 2,5 meter blijft. Vanaf de zeekant gezien kijk je bij laag water tegen een muur op die voor de haven ligt. Boten vallen droog als zij in ondiepe gedeeltes liggen. Het is pas mogelijk om de haven in en uit te varen als er voldoende water boven de dam (drempel) staat. Er een licht dat aangeeft wanneer er doorvaart mogelijk is.

Wij willen vannacht verder varen met laag water. Daarom moeten we voor 20.00 uur alvast uit de haven gaan verleggen naar de steiger in de havenkom. Daar vandaan kunnen we om 0.00 uur vertrekken via de vaargeul. De wind giert in de mast als we liggen te wachten om te vertrekken.

Om 0.10 uur is de boot los en gaan we de zee op. We hebben weer eens pal tegen wind en de boot gaat aardig tekeer, het is heel koud. En ja hoor, na een uurtje is Betty zeeziek. Gauw een pilletje innemen. Wat kan een mens zich ineens akelig voelen. Gerard kan het aan dek wel alleen af, hij zit vast aan de lifeline. We hebben windkracht 4 bft. Betty gaat naar bed. De volgende ochtend wisselen we de wacht en mag Gerard een paar uur slapen. De zeeziekte is aardig onder bedwang door de pillen. Van het zonnige weer van gisteren is niets meer over. Het blijft de hele dag bewolkt. De zon doet een paar pogingen om door te breken, maar verder als een poging komt het niet. Tegen 15.00 uur is de wind aangetrokken tot 6 à 7 bft. met flinke pieken. De golven zwellen aan tot 3-4 meter. We krijgen af en toe best wat water over. Onze pakken houden ons goed warm en droog. Wat zijn we blij met deze aanschaf.

Deze hele reis hebben we geen enkele andere boot gezien, ook niet op afstand.

Tegen 16.00 uur bereiken we L’Aber Wrac’h, de laatste haven voordat we de Golf van Biskaje oversteken. We leggen aan de gastensteiger aan, dit is een makkie omdat we naar de steiger drijven. We letten alleen niet goed op en onze zeekaart, met plattegrond van de haven, waait over boord en zinkt meteen. Nou ja, we zijn hier gekomen en de terugweg weten we wel te vinden met de plotter.

We melden ons op het havenkantoor. Hier staat een computer die we tot 17.30 uur mogen gebruiken om de weervooruitzichten op te zoeken. Heel belangrijk omdat de oversteek die we nu gaan maken, ongeveer 3 dagen en 2 nachten zal gaan duren. We komen tot de conclusie dat het ideale weersomstandigheden zijn om te gaan. Het plaatsje L’Aber Wrac’h stelt niet veel meer voor dan een zeilschool en een paar restaurantjes. Hier zijn we dus gauw uitgekeken. Gerard vult de dieseltank nog even helemaal en dan zijn we er klaar voor. Ik moet toegeven dat er wel een zekere spanning is.

Goede Vrijdagmorgen om 10.00 uur verlaten we L’Aber Wrac’h. Gisteren werden we door de wind tegen de steiger aan gedreven. Vannacht is de wind gedraaid en nu worden we van de steiger weggedrukt we kunnen we zo wegvaren. Is dat even mazzel!
We varen het stukje rivier af en worden uitgezwaaid door de kinderen van de zeilschool die al volop aan het zeilen zijn. Ze hebben dikke pret in hun bootjes en catamarans, ondanks de watertemperatuur van 10 graden. Het is zwaar bewolkt en de wind is NW 3bft.

Zodra we de zee opvaren breekt de lucht open en komt de zon aan de hemel staan. We moeten eerst een stuk naar het westen varen om een kaap heen voordat we om 13.00 uur echt koers kunnen zetten richting La Coruña. Het blijft de hele dag zonnig er is weinig wind. Door de diepe depressie die geweest is, is er een deining ontstaan met golven van 4 – 5 meter hoog. De boot wordt hierdoor opgetild en glijdt dan weer in een dal, waardoor je de horizon niet kunt zien. Een indrukwekkend schouwspel waarbij je ziet hoe machtig sterk het water is. De Alfa Dim kan dit allemaal goed aan. In de verte zien we enkele schepen varen.

Gerard heeft de nachtwacht weer terwijl Betty op de bank probeert te slapen. ’s Morgens draaien we dit weer om en gaat Gerard een poosje slapen. We bakken stokbroodjes voor het eten. We genieten de hele dag van de rust en het schouwspel van de golven en hebben de hele dag de tijd om onze zonden en veel meer te overdenken. Het weer blijft mooi en er is nog steeds weinig wind. ’s Middags gaat Gerard nog een paar uur slapen, dan is hij weer fit genoeg voor de komende nacht. We eten de chili con carne die we alleen even moeten opwarmen. Tegen de avond pakken er dikke wolken boven ons samen. Bij zonsondergang is het aarde donker op zee en kunnen we geen hand voor ogen zien. We varen onder een dikke wolkenlaag waar geen maan en ster doorheen komt. Gerard houdt de hondenwacht (van 0.00 tot 4.00 uur) en de dagwacht (van 4.00 tot 8.00 uur), terwijl Betty slaapt. Om 7.00 uur maakt de motor ineens een raar geluid en begint de boot en de motor heftig te trillen en te schudden. We weten niet waar het vandaan komt. Bij terugnemen van het gas houdt het trillen op. Hierdoor gaat Gerard niet slapen. We varen op de genua en de motor zachtjes bij. Het weer is opgeknapt en we hebben weer veel zon, maar weinig tot geen wind.

Op eerste Paasdag om 14.30 uur komen we aan in de haven van La Coruña. We zijn de Golf van Biskaje overgestoken op de motor met weinig wind.

Gerard neemt telefonisch contact op met de wereldwijde service van Volvo Penta. Hij legt uit wat er aan de hand is en degene die de telefoon beantwoord geeft direct aan dat het probleem opgelost gaat worden. Alleen is hij er niet zeker van of hij op Eerste Paasdag een monteur te pakken kan krijgen. Er wordt afgesproken dat we morgen eerst een duiker laten kijken of er iets mis is met de schroef en dan zullen we, als het nodig is, weer contact opnemen met Volvo Penta. Omdat Gerard er niet gerust op is, besluiten we dat hij even een stukje gaat varen om te kijken of het probleem door het achteruit varen opgelost is. Hij vaart de box uit en maakt een rondje. Bij terugkeer in de box blijkt dat er niets meer aan de hand is. Waarschijnlijk heeft er een stuk plastic o.i.d. in de schroef gezeten. We zijn opgelucht dat er niets aan de hand is. Bovendien zijn we heel tevreden over de reactie van Volvo Penta. Als je in de problemen komt, kun je hun hulp verwachten.

We blijven een dag liggen in de haven van La Coruña en hebben alle tijd om in de stad rond te kijken, wat zeker de moeite waard is.